Nazi’s leggen uit waarom ze ooit nazi werden
Foto via Flickr-gebruiker National Archives of Norway

Nazi’s leggen uit waarom ze ooit nazi werden

In 1934 schreef de Amerikaanse schrijver Theodore Abel een nep-wedstrijd uit, waarvoor hij honderden Duitsers overhaalden uit te leggen waarom ze zo van de nazipartij hielden. Hun verklaringen klinken nu zorgwekkend relevant.
7.3.18

In 1934 schreef Helen Radtke een brief aan de socioloog Theodore Abel, waarin ze uitlegde waarom ze zich had aangesloten bij de Duitse nazipartij. Ze schreef dat ze een politiek actief persoon was, die vaak op de publieke tribune zat om te luisteren naar de debatten in het lokale parlement, en dat ze zoveel mogelijk politieke bijeenkomsten bijwoonde. Dat deed ze omdat ze op zoek was naar een partij die “nationalistisch was, maar ook keek naar het welzijn van de armen”. Uiteindelijk, zo schreef ze, vond ze wat ze zocht in Hitler en zijn politieke partij.

Radtkes brief was een van de 683 persoonlijke verhalen die Abel ontving in de eerste jaren nadat Hitler was verkozen in 1933. The Hoover Institution, een denktank van de Universiteit van Stanford, in Californië, zette afgelopen januari 584 van die brieven online. Deze persoonlijke getuigenissen zijn niet alleen handig om te begrijpen waarom zoveel mensen kozen voor de Nazi’s in de jaren dertig, maar bieden ook een inzicht in de hoofden van de miljoenen Duitsers die nog steeds op extreemrechtse politieke partijen stemmen, zoals de Alternative für Deutschland (AfD).


Bekijk ook: De volwassen mannen die in het weekend Derde Rijkje spelen


Ongeveer een jaar nadat Hitler bondskanselier werd, wilde Theodore Abel te weten komen waarom zoveel mensen hem steunden en wat hun motieven waren. Toen Abel er niet in slaagde een van de 850.000 aanhangers van de partij te strikken voor een interview, kwam hij op het idee om een nep-wedstrijd te organiseren. Hij bood 125 Reichsmarks aan degene die de mooiste, meest gedetailleerde brief kon schrijven over waarom hij of zij zich had aangesloten bij de nazipartij.

In die tijd was het prijzengeld meer waard dan een half maandloon in Duitsland en zelfs Joseph Goebbels - de naziminister van Propaganda - steunde deze wedstrijd publiekelijk. De inzendingen varieerden van handgeschreven odes aan het nazisme tot getuigenissen van 12 pagina’s, en de deelnemers vormden een doorsnee van de Duitse samenleving: van soldaten en SS-officieren tot kantoorpersoneel en huisvrouwen, kinderen en mijnwerkers.

Vele schrijvers van de brieven waren erg blij om het einde van de Weimarrepubliek mee te maken. Die Republiek werd in 1919 opgericht na de Duitse nederlaag in de Eerste Wereldoorlog en werd als schuldige aangeduid voor de economische staat waarin het land was achtergelaten na de oorlog, en voor de Grote Depressie. De schrijvers van de brieven waren enthousiast over Hitlers belofte om een strikte politieke orde te handhaven. Bernard Horstmann, een mijnwerker uit Bottrop Kreis, schreef dat hij ervan overtuigd was dat de vorige regering verantwoordelijk was voor “het verraad van onze bevolking en het vaderland”.

Horstmann noemde een professor die meende dat de Eerste Wereldoorlog niet te rechtvaardigen was “een vergiftiger van het verstand van het volk.” Voordat Horstmann zich aansloot bij de nazi’s was hij lid van een antisemitische nationalistische groepering, de Deutschvölkische Freiheitspartei. Maar al gauw, zo schreef hij, werden de ideologieën van de partij te gematigd voor hem.

Een brief die werd geschreven door Ernst Seyffardt uit Duisburg, een andere stad in het westen van Duitsland, had de titel “Het cv van een Hitler-Duitser.” Seyffardt schreef dat hij zich had aangesloten bij de nazipartij omdat hij wilde bijdragen aan “het herstellen van vrede en orde in ons thuisland”.

In die tijd probeerden linkse fracties de steun aan de nationalistische partij tegen te houden. Regelmatig braken er gevechten uit tussen leden van de Communistische Partij en de boeven van de paramilitaire vleugel binnen de nazipartij, beter bekend als de Sturmabteilung (SA). Ondertussen riepen de meer liberale groeperingen op om de winkels van leden van de NSDAP te boycotten. Maar dat maakte Hitler en zijn nazi’s alleen maar populairder. “Ik kreeg een specifieke interesse in deze partij doordat Adolf Hitler en zijn aanhangers zoveel kritiek en weerstand kregen vanuit de pers,” schreef een partijlid genaamd Friedrich Jörns.

De brieven die Abel ontving geven duidelijk weer dat de in 1933 gecreëerde zeepbel aan rechtse informatie voortvloeide uit de wekelijkse krant Der Stürmer, het boek Mein Kampf en de bijeenkomsten die georganiseerd werden door de nazipartij.

Een lid met de achternaam Schwarz legde uit hoe het lezen van Mein Kampf er voor had gezorgd dat hij niet alleen de meeste commerciële kranten was gaan wantrouwen, maar ook de Joodse en Poolse mensen, vanwege de manier waarop hun “catastrofale spionage-activiteiten de wereld hebben geruïneerd”. Hij schreef dat hij wat dat betreft op zijn instinct vertrouwde, zelfs nadat hij toegegeven had dat hij nog nooit persoonlijk contact had gehad met een Jood, en niet kon bewijzen dat Polen onbetrouwbaar waren. Verpleegster Lisi Paupié was het hier stellig mee eens. Ze schreef in een brief naar Abel: “De Joden zijn ons ongeluk, zoveel is duidelijk.”

Onlangs waren in de Duitse televisieshow Panorama drie acteurs te gast die sommige van de brieven voorlazen, deels om te laten zien hoe veel het woordgebruik – “oude partijen”, “verschrikkelijke pers”, “brainwashen” en “verraad van volk en vaderland” - overeenkomt met de taal die de AfD gebruikt. Dat segment maakte het punt duidelijk: die termen zijn nog steeds erg relevant, 85 jaar nadat Theodore Abel besloot om wat nazi’s te overhalen hun brieven te schrijven.