illustratie

Pepijn Lanen en Floor van het Nederend zijn samen een stripboek-avontuur begonnen

We spraken ze over hun nieuwe graphic novel ‘Hotel Dorado’.

door Wouter van Herwaarden; foto's door Ryan Oosterling
09 mei 2018, 9:10am

Foto door Ryan Oosterling

Sinds mijn jeugd ben ik verknocht aan stripboeken. Ik las de oude strips van mijn vader, zoals Asterix en Guust, en verzamelde de verhalen van de avonturiers Robbedoes en Kwabbernoot en hun hondstrouwe eekhoorn Spip, waar ik ook mijn poes naar vernoemde – God hebbe haar ziel. Op de middelbare school waren strips niet meer zo cool, dus verdwenen ze in een kast.

De laatste jaren kom ik strips weer vaker tegen, vooral de graphic novel, de volwassen vorm van de strip, met een literair verhaal. Het fenomeen lijkt overgewaaid uit de Verenigde Staten, waar het genre de bestsellerlijsten vult. Zo ver is het in Nederland nog niet, maar kenners zien wel dat de graphic novel populairder wordt en dat Nederlandse graphic novels vaker worden vertaald.

Wie ook al van kleins af aan met hun neuzen in de stripboeken zitten, en nu samen een graphic novel maken, zijn illustrator Floor van het Nederend en rapper/schrijver Pepijn Lanen, beter bekend als Faberyayo van De Jeugd van Tegenwoordig. Floor timmert hard aan de weg als illustrator. Zijn tekeningen kom je bijvoorbeeld tegen in De Volkskrant. Pepijn schreef eerder de verhalenbundel Sjeumig en de roman Naamloos.

Hun graphic novel heet Hotel Dorado en gaat over een jongen genaamd ‘Ik’, die door zijn badkamerspiegel kijkt en in een andere dimensie terechtkomt. Daar ontmoet hij de rat Eddy en het mooie meisje Maan. Wanneer 'Ik' de volgende dag wakker wordt in zijn eigen bed lijkt het allemaal een droom te zijn geweest, tot hij bericht krijgt dat hij terug moet komen naar de andere kant van de spiegel om zijn geliefde Maan te redden. Wat volgt is een spannende reis door verschillende dimensies waar ze het opnemen tegen een baby.

Ik sprak met Floor en Pepijn af in het Amsterdamse atelier van Floor, tussen stapels tekeningen, stripboeken, poppetjes en posters van stripfiguren. We spraken over wat de graphic novel zo’n interessant medium maakt en over hun gezamenlijke creatie, waar Floor naar eigen zeggen “25 uur per dag” aan werkt om het af te krijgen.

Creators: Wanneer besloten jullie samen een graphic novel te maken?

Pepijn Lanen: Ik was al langer fan van Floors tekeningen en had hem al eens gevraagd de cover te maken voor mijn EP Seks, drugs, kleding & centen. Het leek ons tof om samen iets te maken waarvoor ik de tekst en Floor de tekeningen maakte. Dat bedachten we in 2015, dus het heeft wel even geduurd.

Floor van het Nederend: Ik wilde altijd al een graphic novel maken. We begonnen met een verhaal van Pepijn, dat ik heel vet vond, omdat het geschreven is voor mensen zoals ik, die nog uitgaan. Er is een scène waarin de hoofdpersoon tot heel laat op een feestje blijft omdat het meisje dat hij leuk vindt daar ook is. Dat soort verhalen heb je niet in in strips als Robbedoes en Guust.

Pepijn: Op de middelbare school tekende ik trouwens zelf ook strips tijdens de les, maar ik was er niet zo goed in. Ik tekende eigenlijk altijd hetzelfde: een mannetje met een hand omhoog met een joint erin.

Wat vinden jullie zo interessant aan graphic novels?

Pepijn: Het is een andere manier van een verhaal vertellen dan alleen tekst of een liedje. In een roman verzint iedereen de beelden er zelf bij. Je kan het uiterlijk van een personage omschrijven, maar nooit zo precies als wanneer je het met een tekening laat zien. Je vult dus veel in voor de lezer. Hierdoor kun je de lezer nog meer sturen en meenemen in je verhaal en de sfeer daarvan.

Floor: De sfeer van de tekst van Pepijn was duister. Ik hou ervan om donkere zwart-wittekeningen te maken die dreigend of duister zijn, maar er is ook altijd humor aanwezig. Die humor geeft balans, zodat het niet te zwaar wordt. Dat zit niet per se in grappen, maar eerder in details of gekke figuren. Als ik bijvoorbeeld een coole auto teken die ‘s nachts over de weg racet, voeg ik iets klungeligs toe, zoals een bumper die loshangt.

Wat voor strips lazen jullie vroeger?

Floor: Ik ben opgegroeid met Kuifje en Robbedoes en Kwabbernoot en dat soort strips. Vroeger las ik die helemaal kapot. Een maand geleden wilde ik het weer eens lezen, maar ik kan het niet meer. Ik weet al bij het eerste plaatje precies wat er in de strip gebeurt. Eerst dit en dat, en dan komt Kwabbernoot boos binnenstormen.

Pepijn: Veel Robbedoes en Kwabbernoot. Toen ik wat ouder was vond ik graphic novels fijn, omdat ze dikker zijn en langer duren. V for Vendetta van de Amerikaan Alan Moore is een van mijn favorieten. Dat boek is duister en deprimerend, maar het verhaal zit zó goed in elkaar. De tekeningen in het boek door David Lloyd weten die grimmige sfeer perfect te illustreren, vooral door het kleurgebruik.

Floor: Bij mijn vader thuis hingen posters en zeefdrukken van Robert Crumb. Hij is een van de redenen dat ik ben gaan tekenen omdat je aan zijn werk het plezier van het maken afziet. Hij tekent om te tekenen en is daar altijd mee bezig. Hij heeft een boek uitgebracht, Waiting for food, waarin placemats zijn opgenomen waarop hij getekend heeft terwijl hij in restaurants op zijn eten wachtte. Zo extreem ben ik zelf niet, maar ik ben wel altijd met tekenen bezig. Ik maak bijvoorbeeld vaak foto’s van plaatjes die ik tegenkom op straat om later na te tekenen.

De graphic novel lijkt populairder te worden in Nederland. Merken jullie dat ook?

Pepijn: Ja, maar er is al eerder een graphic-novel-boom geweest, in de tijd dat V for Vendetta uitkwam. Ik denk dat de toegenomen populariteit van nu te maken heeft met een bepaalde doelgroep: de volwassen geworden stripboekenlezers van twintig jaar geleden.

Floor: De graphic novel is een heruitvinding van het stripgenre. Ook merk ik dat manga, anime en de Japanse cultuur in het algemeen heel populair zijn onder SMIB-jongeren. Je ziet bijvoorbeeld in Amsterdamse filmhuizen dat ze een maand lang de films van de Japanse Studio Ghibli draaien. Met de stripwereld in het algemeen gaat het minder lekker. In de jaren tachtig stonden in alle bladen wel strips of tekeningen. Dat is nu een stuk minder.

Zie je die Japanse invloeden ook in jullie boek?

Floor: Jazeker. In ons boek hebben we ons laten inspireren door zowel manga als strips als Guust en Amerikaanse graphic novels zoals die van Daniel Clowes. Het begin van het boek leest iets meer als een Amerikaanse graphic novel doordat het surrealistisch en absurd aanvoelt. Gaandeweg komt er meer actie in het verhaal, wat weer typerend is voor Japanse manga’s als Dragon Ball.

Hoe zouden jullie de stijl van Hotel Dorado omschrijven?

Pepijn: De tekeningen van Floor hebben een bepaald soort duisternis, die me doet denken aan illustraties uit de jaren zeventig. Ook zijn kleurgebruik doet daaraan denken: warm en aards, zoals de kleur donkerbruin. Het ziet er ook een beetje groezelig uit, maar wel op een hele toffe manier.

Floor: Mijn stijl is duister, maar het moet tegelijkertijd niet te serieus zijn. Er zitten ook gekke poppetjes in, zoals de schaduw van ‘Ik’. Die heet ‘Mij’ en is de hele tijd op zoek naar sigaretjes. Op een huisfeestje dat in het verhaal voorkomt zijn allemaal rare gasten aanwezig, zoals een levensgrote kat met een e-sigaret. En dan is er ook nog de vijand van Ik, dat is een baby.


Wacht even. Het verdwijnen door een spiegel en een grote kat op een feestje, dat lijkt wel het verhaal van Alice in Wonderland , zijn jullie daardoor geïnspireerd?

Pepijn: Ik heb er niet specifiek aan gedacht toen ik dit verhaal schreef. Het verdwijnen door een spiegel naar een andere wereld heb ik gebruikt omdat escapisme veel mensen aanspreekt. Ik heb me wel laten inspireren door een filmpje van Mickey Mouse. Daarin stapt hij ook door een spiegel en komt in precies dezelfde kamer terecht, maar daar leven alle spullen. Als kind ging ik zelf ook weleens voor de spiegel staan om te kijken wat er aan de andere kant was.

Floor: En die grote kat komt veel terug in mijn illustraties. Ik vond het grappig om hem een cameo te geven in dit boek.

Floor, ik zag op Instagram dat je 25 uur per dag bezig bent om het boek af te maken. Ga je de deadline halen?

Floor: Haha, nee. De deadline was gisteren (23 april), maar we komen er wel.

‘Hotel Dorado’ verschijnt in juni bij uitgeverij Ambo/Anthos. Je kunt het boek hier alvast bestellen.