Kiezen met VICE

In het tropische deel van Nederland geeft niemand een zak om de verkiezingen

“Die ene partij waar je het net over had. Eh, PvdA of zoiets? Die naam ken ik wel ergens van."

door Oscar Bouwhuis
14 maart 2017, 5:53pm

De stembureaus gaan morgen om half acht open, en in de zompige polder zijn de fractievoorzitters druk bezig om hun laatste campagnefolders uit te delen aan achterdochtige oudjes, noodgedwongen mee te doen aan wedstrijdjes koekhappen op de markt en met een ijzeren glimlach op hun gezicht de huid vol gescholden te krijgen door bosjes boze Groningers en Turken.

Maar het Koninkrijk der Nederlanden reikt verder dan Groningen of Maastricht. Aan de andere kant van de Atlantische Oceaan liggen nog drie eilanden – Bonaire, Sint Eustatius en Saba – die bij Nederland horen. Sinds 10 oktober 2010 zijn de BES-eilanden 'bijzondere gemeenten' van Nederland en hebben de inwoners daarmee het recht om te stemmen in de Tweede Kamerverkiezingen. Vier jaar geleden mochten de kersverse burgers voor het eerst naar de Nederlandse stembus. De opkomst was teleurstellend: minder dan 30 procent van de bewoners kwam opdagen, tegenover 80 procent bij de lokale verkiezingen. Vijftien procent stemde uit protest blanco.

Hoewel de lokale gemeente de basis vormt voor het dagelijkse bestuur op de eilanden, worden belangrijke zaken als minimumloon en AOW aan de andere kant van de oceaan in 'Agga' bepaald.

Hotelhouder Audrey (47 jaar) woont al zeven jaar op Bonaire, maar komt oorspronkelijk uit Schiedam. In 2012 zat ze verbijsterd naar de verkiezingsuitslagen op televisie te kijken. "Het was al duidelijk dat de VVD de grootste partij zou worden," zegt ze. "Maar ik schrok wel toen er tijdens de uitzending werd gezegd: 'De stembussen op de BES-eilanden zijn nog open en nog niet geteld, maar dat zijn toch maar twintigduizend mensen en de opkomst is daar zo laag. Die hoeven we toch niet mee te tellen?' Vind je het gek dat mensen dan denken: waarom zouden wij nog in hemelsnaam gaan stemmen? Ik ga stemmen, maar ik ken genoeg mensen hier die niet gaan stemmen. Het zijn vooral de Nederlanders die nog een band voelen met het thuisland die ik in het stemlokaal tegenkom."

Thammy (25 jaar) is geboren op Bonaire en volgt de Nederlandse politiek totaal niet. "Die ene partij waar je het net over had. Eh, PvdA of zoiets? Die naam herken ik wel ergens van. Misschien heb ik het een keer ergens gelezen of gehoord. Maar dat is de enige partij, hoor. Eerlijk gezegd volg ik de politiek totaal niet en in mijn vriendenkring praat niemand erover. Ook mijn ouders zijn niet echt geïnteresseerd, zij volgen meer de lokale politiek."

Curvin George. Foto's met dank aan de geïnterviewden

Curvin George (41 jaar) is geboren op Bonaire, is de directeur van de Voogdijraad Caribisch Nederland, en gaat wél stemmen. In verband met zijn werk is hij regelmatig in Nederland en daardoor goed op de hoogte van de politiek. Toch snapt hij dat de rest van de bevolking geen zak geeft om de aankomende Tweede Kamerverkiezingen. "Van verkiezingscampagnes is hier niks te zien. Het enige dat men weet is dat ze moeten gaan stemmen, maar op wie? Mensen hebben niet eens een idee waaróm ze zouden moeten stemmen. Zo nu en dan, als er een politicus uit Nederland hier komt spreken, worden er holle beloften gedaan, die het ene oor in en het andere oor weer uit gaan. Jonge mensen hebben de laatste jaren een sceptische houding ontwikkeld tegenover Nederland. Vroeger stonden ze er meer open voor."

Af en toe komen er wel Nederlandse politici naar de eilanden, maar die lijken vooral voor het lekkere weer te komen. "Vorige week was de nummer 23 van de PvdA, Jeroen Recourt, hier op het eiland," zegt Audrey. "Ja, dan voelen mensen zich hier niet heel erg serieus genomen – een leuk snoepreisje voor de politicus. Er komen wel vaker politici hier, hoor. Geert Wilders is hier bijvoorbeeld om de haverklap lekker vakantie aan het vieren. Laatst heeft hij hier zelfs een huis gekocht. En dat terwijl hij vindt dat er helemaal geen geld meer zou moeten gaan naar de BES-eilanden. Dat snap je toch eigenlijk niet, hè?"

Ook Curvin ziet de lijsttrekker van de PVV regelmatig. "Ik zit vaak genoeg met Wilders in het vliegtuig als ik terugvlieg naar Bonaire. Op het vliegveld wordt hij altijd met veel bombarie onthaald door een stoet van gepantserde voertuigen. Hij komt hier vaak, maar wil niks met ons te maken hebben. Het liefst wil hij dat alle eilanden binnen het Koninkrijk volledig worden afgescheiden."

Aan de komende Tweede Kamerverkiezingen doen slechts twee kandidaten met een Antilliaanse achtergrond mee. Daarmee blijft het aantal Antillianen in de Nederlandse politiek ver achter bij andere etnische groepen. Bovendien is het zeer onwaarschijnlijk dat één van de kandidaten ook echt Kamerlid wordt. En in de programma's van de prominente partijen haast geen woord gerept over de BES-eilanden. "Tja, dat valt wel op," zegt Curvin. "Die partijprogramma's worden geschreven met Nederland in het achterhoofd. Niemand houdt rekening met de situatie op de BES-eilanden. Hoewel de AOW en pensioenen hier ook hot issues zijn, is de invulling toch heel anders."

Stephanie (29 jaar) woont ongeveer drie jaar op het eiland en vindt dat Nederland iets moet doen aan de armoede. "Armoede is het grootste probleem hier. Als je dan hoort dat er ontwikkelingshulp gaat naar oorlogsgebieden, denk ik: waarom doet Nederland niets aan de armoede hier? Er leven hier veel mensen ver onder de armoedegrens, en Bonaire is tenslotte een bijzonder gemeente van Nederland." Communicatie is volgens haar ook een probleem. "Er zou eigenlijk een pagina moeten komen voor Caribisch Nederland waarop de verkiezingsprogramma's worden uitgelegd, zodat de mensen begrijpen waar ze op stemmen. Niet iedereen spreekt namelijk even goed Nederlands."

Veel van de onderwerpen die de laatste weken de debatten domineerden, zoals de vluchtelingencrisis en terrorisme, zijn niet zo dringend voor Bonaire. "Mensen voelen zich meer verbonden met de lokale politiek," vertelt Audrey. "De Antilliaan heeft geen boodschap aan de meeste onderwerpen die in Nederland op de politieke agenda staan."

Bonaire heeft dan geen vluchtelingen, maar er komen wel veel buitenlanders op het eiland wonen. Sinds 10 oktober 2010 steeg de bevolking van 15 duizend naar 19 duizend inwoners. Veel daarvan komen uit Nederland. Als bijzondere gemeente is Bonaire een aantrekkelijke plek voor mensen die willen emigreren, het is immers een deel van Nederland.

"Eigenlijk zijn we allemaal Nederlanders, hè," zegt Audrey. "Maar het klopt dat er heel veel Europese Nederlanders hier wonen. Je hebt hier het hele jaar mooi weer. Ze komen en masse, maar ze vertrekken vaak ook weer snel, hoor. De gemiddelde Nederlander blijft hier zo'n twee jaar. Ze kunnen dan toch niet wennen. De scholen zijn niet van dezelfde kwaliteit, etcetera. Het mag dan wel een deel van Nederland zijn, maar Bonaire is geen westers land waar alles goed geregeld is."

Ook Curvin ziet dat de populatie van het eiland erg veranderd is. "Gisteren hoorde ik tijdens een vergadering dat als de huidige trend doorzet, de autochtone Bonairianen over vijftien jaar slechts 20 procent van de bevolking zullen uitmaken. De rest zal dan bestaan uit mensen uit Latijns-Amerika en Europese Nederlanders."

Toch voelt Curvin een sterke band met Nederland. "De verbondenheid is er. Sommigen ontkennen het misschien, maar van kleins af aan wordt hier ingeprent dat wij een deel van Nederland zijn. Het onderwijs is in het Nederlands en Nederland is ook de plek waar de meesten gaan studeren. Er wordt zelden gedacht aan Amerika of aan Latijns-Amerika – de focus is altijd op Nederland. Wat je nu wel ziet, zijn actiegroepen die mensen aansporen om niet te stemmen. Daarvan zie je borden en oproepen in de krant. Eén van die groepen heet Nos Ke Boneiru Bèk ('wij willen Bonaire terug'). Zij verzetten zich al sinds 10-10-10 [de dag dat het land Nederlandse Antillen werd opgeheven] tegen Nederland."

Audrey heeft de borden ook gezien. "In het Papiaments staat er: 'Ga niet stemmen!' Naar mijn mening is het een onnozel streven. Het is onmogelijk dat Bonaire ooit op zichzelf zou kunnen staan. Er is een clubje mensen dat vindt dat Nederlanders hier de boel overnemen. Het gevoel heerst dat zij tweederangsburgers zijn. Dat speelt al heel lang en heeft natuurlijk met het slavernijverleden te maken, maar sinds 10-10-10 is dat gevoel sterker geworden."

Thammy

Volgens Thammy hebben veel mensen van haar leeftijd een negatieve kijk op Nederland en de Nederlanders. "Nederlanders weten altijd alles beter. Autochtone Bonairianen worden anders behandeld, en voelen zich tweederangsburgers. Nederlanders die hier komen wonen krijgen vaak voorrang bij het verdelen van de baantjes. Stel dat er een baan vrijkomt en een Bonairiaan mét ervaring maar zonder een diploma en Nederlander zonder ervaring maar mét een diploma solliciteren. Dan krijgt de Nederlander sowieso voorrang op de Bonairiaan. De jeugd ziet de toekomst niet rooskleurig in. Jongeren moeten vechten voor hun plek op het eiland. De meesten die in Nederland gaan studeren hebben havo of vwo gedaan. Die gaan dan in Nederland werken, en komen later terug of ze blijven daar. Anderen hebben die optie niet en zitten vast op het eiland."

"Het is net als met honkbal," besluit Curvin. "Het Nederlandse nationale team bestaat bijna alleen maar uit Antillianen. Dus als Nederland speelt, zitten alle Antillianen aan de buis gekluisterd. Aangezien de samenstelling van de bevolking op het eiland drastisch is veranderd sinds 2012, zullen er woensdag misschien ook wel meer mensen naar de stembus gaan."