Climate Uprise

Is sleutelen aan het klimaat met technologie een goed idee?

Met geo-engineering kunnen we ons in de toekomst gaan bemoeien met de temperatuur van de aarde. Ik vroeg vier jonge klimaatexperts of dat onze brandende planeet gaat redden.
25.9.20
geoengeneering
Beeld: Getty Images/Stocktrek Images en Getty Images/ryasick, bewerkt door Djanlissa Pringels

Tijd om wakker te worden. Tijdens de internationale klimaatactiedag heeft VICE alleen verhalen over onze huidige klimaatcrisis. Klik hier om meer te lezen.

Als we de ergste gevolgen van klimaatverandering willen voorkomen – en onze planeet enigszins leefbaar willen houden – moet de wereldwijde temperatuurstijging (ver) onder de twee graden blijven. Dat is dan ook wat 195 landen, waaronder Nederland, in 2015 in het Klimaatakkoord van Parijs hebben afgesproken.

Advertentie

Om de doelen van Parijs te halen moeten we snel en radicaal onze CO2-uitstoot verminderen. Dat blijkt lastig, maar het zou kunnen door geo-engineering: technieken die beloven opwarming van de aarde tegen te gaan en klimaatverandering in toom te houden, zonder dat we ook maar iets aan ons (consumptie)gedrag hoeven veranderen.

Door middel van geo-engineering zou je het klimaat op grootschalig niveau kunnen beïnvloeden. Er zijn twee hoofdvarianten. De één heet Solar Radiation Management (SRM), waarbij invloed wordt uitgeoefend op de hoeveelheid zonlicht die de aarde bereikt. Dit kan bijvoorbeeld door zwaveldeeltjes (die ook vrijkomen bij een vulkaanuitbarsting) in de lucht te injecteren, waardoor meer zonlicht weerkaatst wordt en de aarde - plaatselijk - minder opwarmt. De ander is Carbon Dioxide Removal (CDR), waarbij CO2 uit de lucht verwijderd wordt. Dit kan door CO2 uit de lucht te filteren en ondergronds op te slaan, bijvoorbeeld in lege gasvelden onder de Noordzee, maar ook door het simpelweg planten van meer bomen (die CO2 opnemen).

Klinkt fantastisch, maar geo-engineering roept óók nogal wat ethische vragen op. De technieken zijn vaak onvoorspelbaar, hebben effect op ecosystemen over de hele wereld en het lijkt erop dat ze niet zomaar terug te draaien zijn. Stel, je spuit boven Noord-Amerika zwaveldeeltjes de lucht in omdat je zonlicht wil tegenhouden, dan kan dit extremer weer in bijvoorbeeld Azië of Zuid-Amerika als gevolg hebben. Wie de geo-engineering technieken in handen heeft, kan dus invloed uitoefenen op wereldwijde schaal, met alle gevolgen van dien. Bovendien pakt geo-engineering de oorzaak van klimaatverandering niet aan, namelijk het feit dat we veel te veel broeikasgassen uitstoten, maar bestrijdt het alleen de symptomen ervan.

Advertentie

Genoeg reden om dit soort technologieën flink in twijfel te trekken. Toch wordt geo-engineering meegenomen in de toekomstscenario's en beleidsdocumenten van overheden en bedrijven. Een recent rapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) neemt CDR zelfs mee in alle voorspellingen om onder de 1,5 graden celsius te blijven.

We spraken vier jonge mensen die zich voor hun werk of studie bezig houden met geo-engineering. Is geo-engineering de oplossing? Welke risico’s en dilemma’s komen erbij kijken? Gloort er een sprankje hoop aan de horizon voor onze aarde?

Alejandra Torres Rodriguez (29), master geo-informatie aan de Universiteit Twente

Alejandra Torres Rodriguez

Foto met dank aan Alejandra Torres Rodriguez

“Voor mijn masterscriptie gebruik ik beelden van drones en satellieten om in te schatten hoeveel CO2 bomen kunnen opslaan. Met deze techniek kun je berekenen wat de economische waarde is van een bos, wat helpt bij het beschermen van bestaande bossen of het aanplanten van nieuwe bossen. Mijn onderzoek draagt bij aan initiatieven zoals REDD+, die de economische waarde van een bos berekenen en uitdrukken in ‘carbon credits’. Die credits worden door overheden en bedrijven verhandeld.

Ik hoop dat de berekening van de hoeveelheid CO2 die een bos opslaat ervoor zorgt dat landen bestaande bossen willen en gaan beschermen en meer bossen gaan aanplanten. Bossen zijn namelijk een goede manier om CO2 op te slaan. Tegelijkertijd kan herbebossing niet onze enige hoop of ons enige beleid zijn. Waar ik me zorgen om maak is dat bossen hierdoor worden gereduceerd tot plekken om alleen maar CO2 op te slaan. Een bos heeft veel meer waarde dan dat. Voor biodiversiteit en een gezond ecosysteem zijn bosgebieden cruciaal. Je kunt heel veel dezelfde bomen planten die snel groeien en veel CO2 opnemen, maar dat is niet de bedoeling. Een eentonige plantage is nog niet hetzelfde als een bos.

Advertentie

Het probleem met veel geo-engineering technieken is dat men gewoon doorgaat zoals gewoonlijk en wacht op een slimme technologie die het allemaal op gaat lossen. Ik denk dat we inmiddels wel weten dat dat niet gaat werken. We moeten vooral iets doen aan de oorzaak van alle uitstoot. Bovendien moeten we goed nadenken over de sociale en economische gevolgen van deze technieken, zodat ze niet zorgen voor meer ongelijkheid.”

Kevin Treu (27), master milieuwetenschappen aan de Universiteit Wageningen

Kevin Treu

Foto met dank aan Kevin Treu

“Ik onderzoek in mijn masterscriptie welke effecten technologieën die CO2 kunnen verwijderen hebben op de klimaatstrategie van fossiele brandstofbedrijven. Ik verwacht dat deze bedrijven minder zullen doen om hun uitstoot te verminderen zodra deze technieken geïntroduceerd worden.

Geo-engineering kan als excuus dienen om niets te hoeven veranderen. Bedrijven kunnen zeggen: we gaan door met wat we doen, want over een paar jaar zijn we toch in staat om die CO2 te verwijderen. Maar wat als dat niet gebeurt? Wat als de risico’s te groot zijn, of er onvoldoende beleid gemaakt wordt? Ik denk dat er nog te veel vragen zijn rondom die technieken om er nu onze strategieën op te baseren.

Ook als het wel werkt, moeten we ons afvragen: waar is geo-engineering eigenlijk een oplossing voor? Als we ons economische systeem - met eindeloze groei en stijgende consumptie - niet veranderen, lopen we op een gegeven moment weer tegen hetzelfde probleem aan. Het is dweilen met de kraan open.

Toch denk ik dat we geo-engineering, zowel Solar Radiation Management als Carbon Dioxide Removal, op een gegeven moment gaan inzetten. Sinds het Akkoord van Parijs in 2015 is de mondiale uitstoot alleen maar gestegen. Ik zie het persoonlijk niet gebeuren dat we in 2050 het doel van netto nul emissies bereiken. Ik hoop dat ik het fout heb, maar ik denk het niet. Daarom denk ik dat we in 2050 wel geo-engineering technieken gaan inzetten om de opwarming te beperken.”

Ina Möller (31), deed PhD-onderzoek naar de politiek rondom geo-engineering

Ina Möller

Foto met dank aan Ina Möller

“Toen ik begon met mijn onderzoek werd geo-engineering nauwelijks besproken, het was haast taboe omdat het zo controversieel is. Ik was geïnteresseerd in de omslag in het denken over geo-engineering: hoe wordt iets dat eerst taboe was ineens een onderwerp van discussie in politieke context? Solar Radiation Management is nog steeds controversieel, maar andere technieken die zich richten op het verwijderen van CO2 uit de lucht zijn nu vrij algemeen geaccepteerd.

Ik denk dat Solar Radiation Management niet snel ingezet zal worden, omdat daar beslissingen over gemaakt moeten worden op internationaal niveau. Zo’n ingreep zal immers impact hebben over de hele wereld. Maar ik verwacht dat Carbon Dioxide Removal wel op kleine schaal ingezet gaat worden, hoewel dat op dit moment economisch gezien nog weinig oplevert. Het levert wel iets op om CO2 af te vangen om het te gebruiken, bijvoorbeeld als brandstof, maar niet om het ergens permanent op te slaan. En dat is wel wat je zou moeten doen om de hoeveelheid CO2 in de lucht te verminderen.

Advertentie

Bedrijven die heel veel uitstoten, zoals Shell, presenteren toekomstscenario’s waarin ze CO2-neutraal zijn door het gebruik van deze technieken. Dat is problematisch, want ze hebben het nog nooit uitgeprobeerd en weten dus niet of het gaat werken. De techniek is er, maar of het in een politieke en sociale context werkt weten we niet.

Het is geweldig dat de technieken er zijn, maar we moeten er niet te veel hoop op vestigen. We zouden moeten handelen alsof de optie er niet is, want we weten niet of het ook echt haalbaar is. Als we deze oplossing niet hadden zouden we denk ik harder werken om op andere manieren onze uitstoot te verminderen.”

Amy van Groot Battavé (24), strategieconsultant in de energiesector

Amy van Groot Battavé

Foto met dank aan Amy van Groot Battavé

"In mijn werk kijk ik naar de maatschappelijke impact van de energietransitie en de politieke keuzes die erover worden gemaakt. Een geo-engineering techniek die nu veel in ontwikkeling is, heet de Carbon Capture and Storage (CCS). Daarbij wordt CO2 die vrijkomt bij het verbranden van fossiele brandstoffen afgevangen en opgeslagen, bijvoorbeeld bij de productie van blauwe waterstof.

Het debat over CO2-opslag heeft twee kanten. De ene kant zegt: we moeten alles doen wat we kunnen om de CO2 uitstoot te verminderen. De andere kant zegt: als we dit gaan doen is er straks geen reden meer om aan de volledig duurzame projecten te werken. Ik snap de angst, maar ik vind het geen reden om het niet te doen. Ik zie klimaatverandering echt als een crisis, en in tijden van crisis moet je ook minder perfecte oplossingen aanpakken. Ik merk soms dat mensen - met de allerbeste bedoelingen - te veel naar het meest perfecte eindplaatje willen toewerken. Dat kan ervoor zorgen dat je je doel niet haalt, omdat je alleen maar aan het wachten bent op de perfecte oplossing. Uiteindelijk moeten we die CO2-reductie voor elkaar krijgen, en CCS lijkt me een goede techniek die we daarvoor kunnen inzetten. Zo veel tijd hebben we niet meer.

Bovendien moeten we een transitie doormaken, je kunt niet van de ene op de andere dag het hele systeem omgooien naar groene energie. Blauwe waterstof kan een goede wegbereider zijn voor groene waterstof, die wel volledig duurzaam is. Ik zie geo-engineering als een tijdelijke oplossing. Het is belangrijk dat de overheid de juiste prikkels inzet zodat het op de lange termijn aantrekkelijker is om in volledig duurzame technieken te investeren, in plaats van alleen in CCS of andere tijdelijke oplossingen.”