VICE-18
Identiteit

Hoe jonge Nederlandse Oeigoeren worden bedreigd door China

Hun familieleden worden opgesloten in concentratiekampen. In Nederland worden ze gestalkt met telefoontjes.
21 juli 2020, 11:22am

Stel: je weet niet of je vader nog leeft. Het laatste wat je van hem hebt gehoord, is dat hij jaren geleden is opgesloten in een concentratiekamp. Een kamp waar mensen worden gemarteld en gehersenspoeld. Dan krijg je, na jaren onzekerheid, opeens via via een TikTok-filmpje doorgestuurd. In het filmpje zit een groep mannen te zingen rond een tafel. De camera beweegt langzaam van links naar rechts. Na 42 seconden komt er een man in beeld. Het is je vader, levend en wel.

Dit overkwam Alerk Ablikim, een 21-jarige student Filosofie aan de Universiteit Leiden. Alerk en zijn ouders zijn Oeigoeren, een minderheid in China die door de Chinese regering wordt onderdrukt. Alerk is dertien jaar geleden met zijn moeder naar Nederland gevlucht. Zijn vader bleef in China, en het laatste wat Alerk over hem wist, was dat hij in een concentratiekamp zat. Totdat Alerk afgelopen maand een TikTok kreeg doorgestuurd waarop zijn vader te zien is, in leven, buiten een concentratiekamp. “Ik stond te springen van vreugde toen ik dat zag,” vertelt hij. “Het is fantastisch.”

Alerk Ablikim op De Dam.

Maar verder dan die TikTok komt het contact tussen Alerk en zijn vader voorlopig niet. Het is te gevaarlijk voor zowel Alerk als zijn vader om elkaar direct te spreken. Alerk is namelijk een activist: hij spreekt zich uit tegen de behandeling van het Oeigoerse volk door de Chinese regering. Dat brengt risico’s met zich mee. “Als ik contact opneem met mijn familie in China, kunnen zij meteen vastgezet worden door de politie,” legt hij uit. “De Chinese regering heeft geen enkele reden nodig om Oeigoerse mensen op te sluiten. De kleinste provocatie is genoeg. Ik ben bang dat ze mijn vader weer in een kamp plaatsen.”

Het Oeigoerse volk bestaat uit zo’n twaalf miljoen mensen die voornamelijk in de provincie Xinjiang leven, in het noordwesten van China. Xinjiang is een belangrijk gebied voor China. Het is rijk aan grondstoffen, zoals olie, aardgas en mineralen. Daarnaast is het gebied een buffer tussen China en Rusland, en een toegangspoort tot het westen. Het gebied werd in de negentiende eeuw veroverd door China. Xinjiang betekent letterlijk ‘nieuw grondgebied’ in het Mandarijn. De Oeigoeren zelf noemen het gebied Oost-Turkestan. Het Oeigoerse volk verschilt in veel opzichten van de Han-Chinezen, die de meerderheid in China vormen. Zo zijn Oeigoeren overwegend moslim en voelen ze zich meer verbonden met de Turken dan de Han-Chinezen.

De culturele verschillen tussen Oeigoeren en Han-Chinezen hebben de afgelopen decennia geleid tot gewelddadige conflicten. Oeigoerse separatisten willen dat Oost-Turkestan een eigen staat wordt. De Chinese regering wil daar niks van weten en forceert de Oeigoeren om te assimileren met de cultuur van de Han-Chinezen. Dat komt er in de praktijk op neer dat de Chinese regering op dit moment een miljoen Oeigoeren heeft opgesloten in zogenaamde ‘heropvoedingskampen’. Volgens mensenrechtenorganisaties als Amnesty International en Human Rights Watch zijn het echter concentratiekampen waar de mensenrechten van Oeigoeren op grote schaal worden geschonden door de Chinese regering.

Door de onderdrukking van hun volk zijn er in de afgelopen twintig jaar veel Oeigoeren gevlucht uit China. In Nederland wonen er op dit moment zo’n 1.500 Oeigoeren. Alerk is een van hen. Hij groeide op in Urumqi, de hoofdstad van Xinjiang. Zijn moeder werkte er als arts in een ziekenhuis en zijn vader als schrijver en uitgever. Zijn ouders scheidden toen Alerk jong was. Op het moment dat de Chinese staat de Oeigoeren steeds meer begon te onderdrukken, vluchtte zijn moeder en hij in 2007 naar Nederland. Alerk was toen acht jaar. “In Nederland hebben we een jaar in een asielzoekerscentrum gezeten, en uiteindelijk ben ik geïntegreerd in de Nederlandse samenleving,” vertelt hij. “Ik ben helemaal vernederlandst.”

De meeste Oeigoeren die naar Nederland vluchtten, deden dat in het jaar 2009. In dat jaar werd het conflict tussen de Han-Chinezen en de Oeigoeren alsmaar grimmiger. In een speelgoedfabriek in het zuiden van China brak op 25 juni 2009 een conflict uit tussen werknemers. Op de werkvloer vielen Han-Chinezen een groep Oeigoerse migranten aan, waarbij minimaal twee Oeigoeren werden vermoord. Twee weken later protesteerden duizenden Oeigoeren in Urumqi tegen de behandeling van hun volk door Han-Chinezen. Het protest begon vreedzaam, maar liep later uit de hand. Er ontstonden dagenlange rellen tussen Oeigoeren, Han-Chinezen en de Chinese politie.

Volgens de Chinese regering vielen er tijdens de zogenaamde ‘Urumqi Riots’ in totaal 197 doden, waarvan de meerderheid Han-Chinezen. Oeigoerse instanties betwijfelen die cijfers en zeggen dat er meer Oeigoeren stierven. Wat in elk geval vaststaat, is dat de Chinese regering in de dagen na de rellen een grootschalige actie opzette in Xinjiang, waarbij honderden Oeigoerse mannen werden opgepakt en verdwenen. Human Rights Watch meldde dat er vooral Oeigoerse mannen van in de twintig onrechtmatig werden opgepakt. Er is sindsdien niks meer van hen vernomen. De moskeeën in Urumqi werden ook gesloten door de Chinese regering. Duizenden mensen probeerden weg te vluchten uit het gebied.

China, met de provincie Xinjiang in het rood. (Afbeelding via)

Veel van deze Oeigoeren vluchtten naar Nederland. Een van hen is de 22-jarige Mirali Seley, die net zijn studie Wiskunde in Amsterdam heeft afgerond. Hij vluchtte op zijn zesde met zijn ouders vanuit Urumqi naar Nederland. In 2015 ging Mirali een maand terug naar zijn geboortestad om daar familie op te zoeken. “Mijn vader mocht niet mee. Hij staat in China op een zwarte lijst omdat hij in Nederland activist is voor het Oeigoerse volk,” vertelt hij. Sinds Xi Jinping in 2013 president van China werd, is de onderdrukking van Oeigoeren in Xinjiang in hoog tempo opgevoerd. Dat blijkt uit gelekte documenten van de Communistische Partij.

“Ik zag tijdens die reis in 2015 dat Urumqi een openluchtgevangenis was geworden,” vertelt Mirali. “Op elke straathoek hingen camera’s en stonden gepantserde wagens van het Chinese leger met gewapende militairen. Het was heel anders dan ik me herinnerde. Ik zag dat de Oeigoeren overal bang waren om te praten, zelfs in hun eigen huizen of auto’s. Ze weten dat er overal afluisterapparatuur zit.” De Chinese regering heeft onder meer grote projecten opgezet om Han-Chinezen in Xinjiang te huisvesten. Han-Chinezen kunnen er goede banen krijgen, Oeigoeren worden achtergesteld. Zo worden de Oeigoeren in razend tempo een minderheid in hun eigen gebied.

Het beleid van China gaat nog veel verder dan dat. De Chinese regering heeft sinds 2016 grootschalige kampen opgezet waarin Oeigoeren worden opgesloten. China noemt dit ‘heropvoedingskampen’. Oeigoeren zouden hier worden omgeschoold en ook zou er terrorisme worden bestreden. De werkelijkheid ligt anders. Amnesty International meldt dat de kampen worden gebruikt door China om Oeigoeren massaal op te sluiten. Ze worden gedwongen om trouw te zweren aan de Communistische Partij en de Oeigoerse cultuur af te zweren. “Heb je een baard of hoofddoek, dan ga je al een kamp in,” zegt Mirali. “Post je iets over de ramadan op social media? Dan ga je naar een kamp. Ben je op bedevaart geweest naar Mekka? Ben je naar Turkije geweest? Dan ben je ook weg.”

Mirali Seley in Amsterdam.

Volgens Amnesty International worden Oeigoeren in de kampen gemarteld en gehersenspoeld. Ze worden geslagen met stokken, aan hun handen opgehangen en krijgen soms niet eens te eten. Uit een recent onderzoek blijkt dat Oeigoerse vrouwen door de Chinese regering gedwongen worden om zich te laten steriliseren, om de Oeigoerse bevolkingsgroei in te dammen. Bij de VN is melding gemaakt van orgaanhandel in China, met de organen van Oeigoeren. Mensen die vastzitten in de kampen krijgen geen rechtszaak of toegang tot een advocaat. Ouders en kinderen worden van elkaar gescheiden. Jonge kinderen worden naar zogenaamde ‘kindergardens’ gebracht, gigantische gebouwen die door heel Xinjiang zijn opgetrokken door de Chinese regering. Volgens diverse bronnen worden Oeigoerse kinderen hier in afwezigheid van hun ouders gehersenspoeld door de Communistische Partij.

Gevluchte Oeigoeren proberen met name in Europa en de Verenigde Staten aandacht te vragen voor hun situatie. Dat activisme brengt risico’s met zich mee. Vanuit China worden activistische Oeigoeren in het buitenland lastig gevallen en geïntimideerd. Dat gebeurt ook bij Alerk en Mirali in Nederland. “Ik ben het afgelopen jaar veel activistischer geworden. Sindsdien heb ik uit China een mail gekregen in het Oeigoers, waarin mij werd verteld dat ik moest oppassen, omdat het gevaarlijk was voor mijn familie,” vertelt Alerk. “Vorige week kreeg ik nog een anoniem facebookbericht uit China van iemand die zei dat ik gestoord was, dat ik een terrorist was. Deze week kreeg ik een telefoontje uit China. Ik hoorde gehijg, met op de achtergrond geschreeuw en gehuil.”

Ook Mirali heeft ervaringen met intimidatie. “Ik werd laatst een paar keer gebeld door een Nederlands nummer. Toen ik opnam, begon er iemand heel hard en snel te praten in het Chinees. Mijn Chinees is helemaal weg, dus ik verstond er niks van. Ik hing op. Toen ik later terug belde, bleken de telefoonnummers niet meer te bestaan.” Volgens Alerk doet de Chinese ambassade in Nederland mee aan de intimidaties. “Van Oeigoerse Nederlanders wordt bijvoorbeeld onnodig gevraagd om naar de Chinese ambassade te komen, om documenten te ondertekenen. Daarmee intimideer je mensen. Ook al zijn we Nederlandse burgers, je zorgt wel dat mensen stil zijn. Je voelt als Oeigoer in Nederland: de Chinese regering weet wie je bent en ze houden je in de gaten.”

Contact met familie in Urumqi is haast onmogelijk geworden voor activisten zoals Alerk en Mirali. “Het is een zwart gat. Alles wat je weet, komt via via, zoals de TikTok waarop ik mijn vader zag,” zegt Alerk. De meeste Oeigoeren in Nederland zijn door de risico’s niet zo uitgesproken. Wereldwijd ontmoedigt China mensen om zich over de Oeigoeren uit te spreken. Ilham Tohti, een bekende Oeigoerse econoom in China, sprak zich uit over de behandeling van zijn volk door de Chinese regering. Tohti pleitte onder andere voor meer autonomie van Xinjiang. In 2014 werd hij opgepakt in zijn huis in Beijing. Hij werd veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf voor ‘separatisme’. Mensenrechtenorganisaties en de Verenigde Staten hebben China verzocht Tohti vrij te laten, maar China houdt hem vast in een gevangenis in Xinjiang.

Mesut Özil, een bekende voetballer van de Engelse club Arsenal, plaatste op 13 december 2019 een statement voor zijn 22 miljoen volgers op Instagram. Hij riep moslims op zich meer uit te spreken over de situatie van de Oeigoeren. “Korans worden verbrand. Moskeeën worden gesloten. Scholen worden verboden. Gelovige mannen worden vermoord. Mannen worden in kampen geplaatst en hun families worden gedwongen met Chinese mannen te leven. De vrouwen worden gedwongen met Chinese mannen te trouwen. Maar moslims zijn stil. Ze laten niks horen. Ze hebben hen verlaten,” schreef Özil onder meer in zijn statement op Instagram.

In China werd Özil meteen uit videogames verwijderd en kwam er een verbod op het uitzenden van een wedstrijd tussen Arsenal en Manchester City. Arsenal zelf heeft ook grote commerciële belangen in China, met onder meer een restaurantketen. De club kwam met een statement naar buiten, waarin het afstand nam van de woorden van Özil. Ondanks deze tegenreactie, zijn de Oeigoeren blij dat een bekende voetballer zich uitsprak over hun situatie. “Özil opende een nieuwe weg voor veel mensen,” zegt Mirali. “Heel veel mensen durven zich niet uit te spreken, maar als iemand als Özil dat doet, volgen anderen zijn voorbeeld. Zo zag ik in Nederland opeens rappers als Ismo erover rappen. Dan bereik je toch weer een andere doelgroep.”

Oeigoerse organisaties en mensenrechtenorganisaties proberen de internationale druk op China op te voeren, maar slagen daar slechts mondjesmaat in. Het grootste wapenfeit tot nu toe is de Uyghur Human Rights Policy Act, die eind 2019 is ingevoerd in de Verenigde Staten. De wet verplicht Amerikaanse overheidsinstanties, zoals de FBI, om melding te maken van schendingen van mensenrechten door de Communistische Partij en de Chinese regering tegen Oeigoeren in Xinjiang. Chinese ambtenaren die schuldig zijn aan het martelen, onrechtmatig vasthouden en mishandelen van Oeigoeren, kunnen zo onder meer geweerd worden uit de VS. “Deze wet is de grootste winst die we tot nu toe hebben behaald als Oeigoeren,” zegt Alerk.

Maar deze wet is lang niet genoeg voor de Oeigoeren. De wet beschermt Oeigoerse vluchtelingen in de Verenigde Staten, maar verandert niets aan de situatie in China zelf. China is simpelweg te machtig om zich iets aan te trekken van de buitenlandse kritiek. “Ik denk dat we in het Westen alleen maar economische kansen hebben gezien in China in de jaren negentig,” meent Alerk. “Daar hebben we economisch heel veel profijt van gehad. Zowat al onze producten komen nu uit China. We zijn zo afhankelijk geworden van de Chinese economie, dat we het er wel mee zullen moeten doen.”

De verwachting in het Westen was in de jaren negentig dat als de Chinese economie zou liberaliseren, de Chinese politiek zou volgen. Dat is niet gebeurd. “We zijn nu als Europa niet verbonden genoeg om een statement te maken richting China, en de Verenigde Staten hebben eigen problemen,” gaat Alerk verder. “De concentratiekampen zijn opgezet in 2016. Het is nu 2020. Dit is misschien wel de grootste catastrofe op het gebied van mensenrechten van onze tijd. Dit is de grootste systematische opsluiting van mensen sinds de Tweede Wereldoorlog. En er is niet genoeg politieke wil om er echt wat aan te doen. Het is te weinig voor de meesten en te laat voor iedereen.”

Alerk en Mirali halen wel hoop uit hun generatie, die de laatste tijd de straat opgaat om te demonstreren voor een beter klimaatbeleid en tegen racisme. Ze hopen dat de politieke prioriteiten anders komen te liggen, als hun generatie aan de macht komt. “Ik denk dat wij als generatie moeten nadenken of economische groei het belangrijkste is dat er bestaat, wat de kosten er ook van zijn. Als economische groei ten koste gaat van miljoenen Oeigoeren, dan zijn we daar nu toe bereid als maatschappij,” besluit Alerk. “Ik denk dat we ons als nieuwe generatie goed moeten afvragen: waar ligt voor ons de grens?”

We hebben de Chinese ambassade in Nederland gevraagd naar de vermeende pesterijen van Oeigoeren in Nederland. Hier is niet op gereageerd.