We spraken met Noir over zijn jeugd in Denemarken, disco, verveling en de dood van EDM

“Ik zou herinnerd willen worden aan mijn oren – niet om de grote of hoe ze eruitzien, maar om wat ik ermee kan.”

|
mei 13 2015, 3:46pm

René Kristensen, beter bekend als Noir, zou je kunnen kennen van zijn collab met Hayze – met de track 'Around' voerden ze in 2011 zes maanden lang de beatportlijsten aan. De Deense dj, die nog steeds in zijn geboortestad Aalborg woont, zit al bijna twintig jaar in het vak en is inmiddels niet alleen dj en producer meer, hij scout ook talent en is sinds 2007 labelbaas van Noir Music. Daarop brengt hij platen uit van artiesten als Hot Since 82, Amine Edge & DANCE, Edu Imbernon en Finnebassen. Op 4 mei deed hij club Poema in Utrecht aan, en wij spraken hem daar over zijn jeugd in Denemarken, disco, verveling en de dood van EDM.

THUMP: Ha René, ik las in een interview dat je als kind veel luisterde naar Kraftwerk en bands als Depeche Mode en Duran Duran. Wat vond je er toen zo vet aan?
René Kristensen:
Dat klopt niet precies hoor; toen ik een jaar of zeven was, luisterde ik veel naar hiphop, Kraftwerk en naar vroege elektronische muziek uit de jaren tachtig. Dat kwam omdat mijn beste vriend een broer had die een echte muzieknerd was en wij keken toen heel erg naar hem op. Hij nam platen voor ons op met zijn cassetterecorder zodat wij ze konden luisteren op onze kamers. Ik kende de muziek nog niet, maar vond het wel heel tof.

Op school had ik toen muziekles en we moesten van onze leraar allemaal een cd meenemen en die aan de klas laten horen. Iedereen nam kinderliedjes mee, maar ik nam Music Non Stop van Kraftwerk mee. Mijn leraar zei daarna: "Ik geloof niet dat dat muziek was," en toen realiseerde ik me voor het eerst dat mijn muzieksmaak verschilde van die van mijn leeftijdgenoten.

Een aantal jaar later luisterde ik naar Duran Duran, zij waren op dat moment echt heel populair: een typische boyband die er wel heel anders uitzag, dat vond ik leuk aan ze. Ik was toen een jaar of negen, het was in de tijd dat ik nog veel met Lego speelde – daarom moet ik altijd aan Lego denken als ik een liedje van Duran Duran hoor. In mijn tienerjaren hield ik meer van de donkere muziek zoals The Cure en Depeche Mode – ik heb zelfs een keer mijn hele platencollectie verkocht om een speciale box te kunnen kopen.

Hoe kwam je erbij om te gaan draaien?
Ik denk dat het een natuurlijk proces was. Als je naar elektronische muziek luistert, raak je vanzelf geïnteresseerd in draaien. Eind jaren tachtig kon je vanuit Denemarken een aantal Britse zenders ontvangen, en zo ben ik verliefd geworden op acid en op de Detroit-sound. Ik was een jaar of vijftien toen ik voor de eerste keer uit huis sneakte om naar de club te gaan. Er was niet echt een levendige scene, maar er was één club waar ze een mix tussen r&b, hiphop, house, en heel soms zelfs techno draaide. Ik ging er al vroeg op de avond heen zodat ik de nieuwste nummers hoorde – die draaiden ze alleen aan het begin van de avond. Ook sprak ik vaak de dj's aan, en ik had gelijk een klik met ze omdat ik meer van muziek afwist dan zij. Zij hebben me toen leren draaien. Na het feesten rende ik om vijf uur 's ochtend zeven kilometer naar huis om mijn krantenwijk te kunnen doen – verbluffend eigenlijk hoeveel energie ik toen nog had.

Welke artiesten van nu zijn voorbeelden voor jou?
Ik luister naar veel verschillende stijlen omdat ik snel verveeld raak. Mijn favoriete producers zijn daarom diegenen die altijd in beweging zijn en continue wisselen van stijl. Gui Boratto kan ik daarom waarderen, hij is iemand die iets anders durft te doen. Ook Maceo Plex is constant goed en heel sterk met vocals.

Voor inspiratie zal ik trouwens nooit een liveset downloaden van een artiest – ik weet wat mijn stijl is en ik luister veel liever naar demo's en promo's van jonge gasten. Ik wil mensen nieuwe platen laten horen en ze daar helemaal los op zien gaan.

Je produceert, draait, scout talent en je bent baas van je eigen label. Als je zou moeten kiezen, welke functie zou je dan het liefst doen?
Dat is een lastige keuze, want alles doe ik graag en het zijn stuk voor stuk dingen waarvan ik al droomde toen ik jong was. Als het echt zou moeten, dan kies ik voor het produceren van muziek – dat is iets wat ik mezelf nog wel zie doen als ik tachtig ben. Muziek maken is iets wat je altijd kan doen. Het gaat er niet eens om of je het uitbrengt, maar dat je er plezier aan beleeft. Dat gevoel van voldoening als je van een bizar idee een coole track weet te maken, dat is onbeschrijfelijk. Daar doe ik het voor.

Zijn er dingen die je altijd doet als je een track maakt?
Veel koffie drinken, dat zorgt er wel voor dat ik 's avonds wakker blijf. Verder is het iedere keer anders, ik heb geen gekke rituelen. Soms begint het bij een melodie, soms bij een groove of een drumgedeelte. Ik heb wel het geluk dat ik mijn inspiratie overal vandaan kan halen, van een geluid op het toilet tot een cheesy radio- of televisieshow.

Wat is in de afgelopen twintig jaar de grootste verandering in de elektronische scene?
De technologische ontwikkeling van het materiaal. Waar je voorheen met vinyl draaide en daar een shitload aan geld aan besteedde, kan je nu eigenlijk alles met een usb-stick. Dat is niet alleen zo bij het aanschaffen van platen, maar ook bij het drukken ervan of bij het reizen als dj. Het is goedkoper en gemakkelijker geworden. Muziek is tegenwoordig ook toegankelijker. Die technologische verandering is echt iets goeds geweest. Ondanks dat ik nooit meer met platen draai, hou ik er wel ontzettend van en laat ik ze nog steeds persen.

Wat waarschijnlijk nooit zal veranderen is het gevoel dat je krijgt van het draaien. Dat gevoel wanneer er zweet op de muren zit en iedereen losgaat op dezelfde beat en groove, het gevoel van samenzijn – of het nu in een kleine club of op een groot festival is, dat gevoel is zo speciaal. Vroeger was het moeilijker om publiek te trekken omdat de doelgroep kleiner was, in dit mobiele-telefoontijdperk is het weer lastiger om iedereens aandacht vast te houden.

Het is moeilijk om de toekomst te voorspellen, maar welke trends zie je nu?
Ik denk dat op een gegeven moment zelfs de shuffle terug gaat komen, haha! Nee, als ik serieus ben dan zie je natuurlijk dat disco aan het terugkomen is, maar dan wel in een housevorm. Ik denk zelfs dat we de opleving van disco deze zomer al gaan horen op Ibiza. Verder merk je dat in de hitlijsten van de UK EDM duidelijk is overgenomen door deephouse; eigenlijk kan je EDM al dood verklaren. Dat Amerika wat achterloopt op dat gebied is niet erg, het is daarom juist goed om Europeaan te zijn.

Het is nog lang niet zo ver gelukkig, maar hoe wil jij later herinnerd worden?
Aan mijn oren – niet om de grote of hoe ze eruitzien, maar om wat ik ermee kan. Ik denk dat ik mijn gehoor in de loop der jaren ontwikkeld heb, en dat is iets wat ontzettend nuttig is bij het produceren van muziek en bij dj'en. Mensen zeggen vaak dat ik een goed oor heb voor muziek, dat vind ik een mooi compliment.

Wil je trouwens niet weten waar mijn naam vandaan komt? Dat vraagt eigenlijk iedereen.

Mag ik raden?
Natuurlijk.

Iets met de donkerte in Scandinavië, of misschien iets met je liefde voor duistere muziek?
Fout! Ik ben in de winter geboren, en mijn vader is in de wintermaanden overleden. Ik wilde iets met donker of zwart doen, maar Dj Black klinkt wel heel lame en The Prince Of Darkness was al geclaimd, haha. Mijn toenmalige vriendin zei toen: "Je naam is Frans, waarom kijk je niet wat zwart in het Frans is?" Zo kwam ik op Noir, en daar ben ik nog steeds blij mee. Zelfs als mensen online zoeken naar chocolaatjes komen ze bij mij terecht.

Meer VICE
VICE-kanalen