Klein Kasteeltje Brussel opvangcrisis migratiebeleid
Illustratie door de auteur
Identiteit

De opvangcrisis in België lijkt volledig ontspoord

“Als de mogelijkheid bestaat om op korte termijn covid-testcentra op te richten, dan denk ik dat de overheid voldoende macht en kunde heeft om plaatsen te vinden voor mensen op de vlucht.”
Anke Dirix
Brussels, BE
19.11.21

Het Klein Kasteeltje in Brussel zit overvol. Het aanmeldcentrum van Fedasil is het enige registratiepunt in België waar mensen internationale bescherming kunnen aanvragen. Het is ook de plaats waar asielzoekers verblijven voor ze in het reguliere opvangnetwerk terechtkomen. Maar met een bezettingsgraad van 97 procent heeft ook dit opvangnetwerk haar maximumcapaciteit intussen zo goed als volledig bereikt. Volgens de anonieme bronnen van Elias Van Dingenen (Vluchtelingenwerk Vlaanderen) is dat zelfs 99,5 procent. Het gevolg is, naast het feit dat de werkdruk voor de werknemers van het Klein Kasteeltje niet langer houdbaar is, dat er sinds een aantal weken heel wat migranten geweigerd worden in het aanmeldcentrum. Anders gezegd: België ontzegt mensen systematisch het recht op opvang en internationale bescherming. 

Advertentie

Hoewel het opvangnetwerk zo goed als volledig verzadigd is, benadrukt Jules* - een medewerker van het Klein Kasteeltje - dat we niet in een migratiecrisis zijn beland. “Het aantal aanvragen is niet plots steil omhoog gegaan”, zegt ze. “Er is gewoon te weinig plek om die mensen op te vangen. Dit is een opvangcrisis.” 

VICE had het met Elias Van Dingenen over de opvangcrisis in ons land. Naast Jules spraken we ook met haar collega Noa*. De twee werknemers vertellen ons waarom ze op 18, 27 en 28 oktober besloten te staken. Omdat iedereen die bij Fedasil werkt een geheimhoudingsclausule moet ondertekenen, getuigen zij anoniem.

In de rij naar nergens

Begin november wandel ik voorbij de poorten van het Klein Kasteeltje. Er staat opnieuw een ellenlange rij voor het aanmeldcentrum van Fedasil. Ahmed staat ook in die rij, hij vangt zijn neef uit Syrië op bij hem thuis in Sint-Niklaas. “We staan hier nu al voor de derde dag op rij”, vertelt Ahmed. “Als we hier ‘s ochtends toekomen, liggen al deze mensen hier nog te slapen op de grond. Eerlijk gezegd begrijp ik er helemaal niks van. Toen ik hier ben aangekomen in 2015, konden we tenminste binnen wachten.” 

Normaalgezien doorlopen mensen die in België asiel aanvragen een zogenaamde ‘flow’ in het Klein Kasteeltje. “Eerst is er een sociale screening en nadien volgt er een korte, medische screening”, legt Jules uit. Daarin wordt nagegaan of er urgente medische problemen zijn en of er al dan niet sprake is van een sociaal netwerk. Maar door het gebrek aan opvang en

personeel, is er momenteel geen tijd of ruimte voor die screenings. “Dat betekent dat er mensen met kanker, corona of tuberculose momenteel gewoon op straat belanden, zonder dat ook maar iemand daar weet van heeft. Dat is ook gewoon gevaarlijk, hé”, zegt Jules.

Het antwoord van de regering op het huidige plaatstekort, waren aanvankelijk de zogenaamde kwetsbaarheidscriteria. “Alleen de meest kwetsbaren werden toegelaten”, legt Elias uit. “En met de meest kwetsbaren bedoelen we degenen met zichtbare, medische problemen. Alleen die mensen kregen een afspraak.” Intussen zijn de criteria opnieuw veranderd: op dit ogenblik probeert Fedasil vrouwen, families, minderjarigen en mensen met zichtbare gezondheidsproblemen toe te laten. “Maar door het plaatsgebrek lukt dit vaak niet”, zegt Elias. “Dagelijks blijven mensen achter op straat”.

6.png

De grootste slachtoffers van dit beleid zijn mannen en jongens, ouder dan 15 jaar. Zij werden automatisch als niet-kwetsbaar bestempeld en staan helemaal onderaan de voorrangslijst. Het gevolg daarvan is dat zij niet alleen de toegang tot het aanmeldcentrum in het Klein Kasteeltje worden ontzegd, maar dat ze momenteel ook niet terechtkunnen in de daklozenopvang. “Mannen blijven letterlijk en figuurlijk in de kou staan”, zegt Elias. “Samusocial zit ook vol, dus het is dweilen met de kraan open.” 

“We krijgen elke dag een papier waarop staat dat we de volgende dag moeten terugkomen. Dat en een bonnetje om te eten”, zegt Ahmed. “Maar eten is het probleem niet, daar geraak je wel aan. Zorg er toch voor dat deze mensen ergens kunnen slapen, dat is een veel groter probleem.” Jules en Noa van Fedasil volgen hem in zijn redenering. “We weten dat je niet op 1, 2, 3 een opvangcentrum kan openen”, zegt Jules, “Maar zorg er dan tenminste voor dat er in afwachting een soort van noodopvang is.” 

Waarom is er een tekort?

Om dit plaatstekort te verklaren, wordt er door media en politiek vaak gewezen naar de opvangplaatsen die zijn ingenomen door de slachtoffers van de overstromingen in Wallonië en mensen die vanuit Afghanistan gerepatrieerd werden. Maar volgens Elias is dit maar “een klein deel van het verhaal.” “De belangrijkste factor is dat er door de hele Covid-situatie veel mensen niet zijn kunnen doorstromen om internationale bescherming aan te vragen”, zegt hij. “Sinds kort vinden mensen opnieuw hun weg tot het systeem, maar dat is hele lange tijd niet zo geweest.” 

De opvangcrisis waarin we ons momenteel bevinden, lijkt dus vooral het effect van de wereld die terug wat meer open gaat. Met andere woorden: het is een situatie waarop geanticipeerd had kunnen worden. Volgens Noa en Jules signaleren de medewerkers van het Klein Kasteeltje al sinds mei - toen de grenzen weer open gingen - aan zowel het kabinet als de directie van Fedasil dat ze met een totaalgebrek aan opvangplaatsen kampen. “Maar daar is verder nooit iets mee gebeurd”, zegt Jules.

7.png

Ook Elias is ervan overtuigd dat onze regering wist dat dit probleem er zat aan te komen. “Daarom was er ook de ambitie om 5.400 opvangplaatsen te voorzien”, zegt hij. Staatssecretaris voor Asiel & Migratie Sammy Mahdi (CD&V) beloofde begin juli inderdaad om 5.400 extra bufferplaatsen te voorzien. Die zijn niet bedoeld om op de lange termijn te blijven bestaan, maar om ‘snel geactiveerd te worden’ als dat nodig blijkt. “Nu blijkt het inderdaad nodig, maar er is niet snel genoeg gehandeld”, aldus Elias. “Tijdens de Covid-periode is er gewoon geen werk gemaakt van het zoeken naar duurzame oplossingen.” Hij voegt er nog aan toe dat “als de mogelijkheid bestaat om op korte termijn covid-testcentra op te richten, de overheid ook voldoende macht en kunde moet hebben om plaats te vinden voor mensen op de vlucht.”

Is individuele opvang de oplossing?

Het Belgische opvangnetwerk wordt verstikt door te trage politieke beslissingen en een beleid dat al jaren wankelt. De infrastructuur is verouderd, het personeel onderbemand en de uitstroom (veel te) traag. “We bevinden ons in deze crisissituatie omdat er niet met een langetermijnvisie naar oplossingen is gezocht”, zegt Elias. “En in een crisissituatie wordt op zoek gegaan naar de makkelijkste en snelste oplossing. Dat blijkt dan collectieve opvang te zijn, maar daar staan wij absoluut niet achter.” 

Waar Vluchtelingenwerk Vlaanderen wel voor pleit, is individuele opvang. Dit zijn woningen die - in tegenstelling tot de opvangcentra - niet door Fedasil worden beheerd, maar door ngo’s en het OCMW. Ten eerste omdat het een pak goedkoper is: Het Rekenhof berekende dat individuele opvang 8,10 tot 19,97 euro per dag minder kost dan collectieve. Bovendien zijn

collectieve opvangcentra - waar vaak voor gepleit wordt - “nefast voor het psychosociaal welzijn van de mensen die er verblijven”, aldus Elias. Maar door de huidige crisissituatie lijkt individuele opvang voorlopig niet aan de orde. Nagenoeg alle plaatsen die er op dit moment bijkomen, zijn bufferplaatsen - en dat gaat ten koste van de kwaliteit. “In centra heb je bepaalde recreatieve ruimtes, dat zijn dan gewoon sportzalen of zo die worden leeggemaakt”, vertelt Jules. “Ze zetten daar stapelbedden in en dat zijn dan zalen van 30 man waarin je ligt te slapen.” 

Staking 

Na maanden van overbevolkte en overbelaste centra, besloten de werknemers van Fedasil aan de alarmbel te trekken. “Te weinig personeel, overuren, mensen die weggaan en vervangen moeten worden zonder dat daar een compensatie tegenover staat,... Dat waren de beweegredenen voor de eerste staking”, zegt Noa. Nadien ging het hen vooral om de de reactie van de overheid op het gebrek aan opvangplaatsen. “De oplossing (voor het huidige plaatstekort, red.) is momenteel om mensen op straat te zetten. Die worden gewoon de deur gewezen, wat betekent dat zij illegaal in België verblijven”, zegt Jules. “Terwijl ze wel asiel willen aanvragen hé - nogmaals, een internationaal recht.” 

1.png

Naast de hoge werkdruk en het gebrek aan opvangcapaciteit, zorgen ook de intussen veelbesproken contracten bij Fedasil voor frustraties onder het personeel. Noa legt uit dat je een tijdelijk contract van zes maanden krijgt als je wordt aangenomen door Fedasil. Volgens de Belgische wetgeving mag een werkgever zo’n contract vier keer geven. “Daarna krijg je een contract van onbepaalde duur, maar dat is altijd met een clausule waarin staat dat ze je op elk moment kunnen ontslagen”, zegt Noa. “Een contract van onbepaalde duur wilt met andere woorden niks zeggen.” 

Hoe meer er gestaakt wordt, hoe groter de impact op het asielsysteem. Maar dat wilt niet zeggen dat er geen begrip is voor het personeel van het Klein Kasteeltje. Fedasil-medewerkers doen er alles aan om mensen zo goed mogelijk te informeren. Maar concrete oplossingen aanreiken, valt buiten hun mogelijkheden. “We begrijpen dat als je werkt voor een organisatie waarvoor de langetermijnvisie niet wordt ingelost en je onder een ongelofelijke werkdruk staat, dat je dan op een gegeven moment zegt van ‘kijk jongens, zo kan het niet verder’”, zegt Elias. “De werknemers van Fedasil komen voortdurend in contact met die mensen en verhalen, dat is een enorm lastige job.” 

Wanbeleid

Dit wanbeheer van het Belgische migratiebeleid is niet nieuw. Zowel Fedasil als de Belgische Staat werden al meermaals veroordeeld omdat ze geen (onmiddellijke) opvang boden aan asielzoekers. Een paar weken geleden nog sleepten verschillende middenveldorganisaties Fedasil en Mahdi voor de rechter omdat ze selectiecriteria hadden ingevoerd voor de opvang van niet-begeleide minderjarigen. Daardoor konden kinderen die zich buiten de kantooruren - d.w.z na drie uur ‘s middags - kwamen aanmelden, pas de volgende dag op opvang rekenen. Velen onder hen moesten daardoor de nacht op straat doorbrengen. 

5.png

“We mogen kinderen die in hun thuisland een traumatische ervaring hadden, niet nog een traumatische ervaring laten doormaken”, zei de staatssecretaris aan het begin van zijn legislatuur op Radio 1. De invoering van deze selectiecriteria was dus niet alleen heel erg pijnlijk, het was ook een schending van het Kinderrechtenverdrag, de Opvangwet en het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie. Met andere woorden: het was (bijzonder) illegaal

unnamed.png

Het huidige beleid staat mijlenver af van wat er in dit Regeerakkoord (p.91) beschreven staat. Over de ‘eenvoudige en snelle procedures’ kunnen we stellen dat ze veel te lang en bijzonder ingewikkeld zijn. Wat die ‘kwaliteitsvolle opvang’ betreft: die is er door het huidige plaatsgebrek amper of niet. En begint een humaan en kordaat terugkeerbeleid niet bij de mogelijkheid om een asielprocedure aan te vragen en op te starten? In de huidige context van koude temperaturen en een pandemie die alles nog een pak ingewikkelder maakt, brengt de politiek-institutionele weigering om mensen asiel te laten aanvragen - nadat ze alles geriskeerd hebben om België te bereiken - in ernstig gevaar. 

Het gebrek aan “respect voor de nieuwkomer” lijkt intussen even groot als het gebrek aan opvangplaatsen zelf. De gevolgen die daaruit voortvloeien, zullen de komende tijd pijnlijk duidelijk worden.

*Schuilnamen 

Volg VICE België ook op Instagram.