Sport

Het nieuwe leven van Édouard Duplan is anders dan dat van andere voetballers

"Om te slagen als voetballer moet je ook veel geluk hebben. Nu is tijd om te laten zien dat ik ook écht wat kan."

door Dave Aalbers
19 september 2019, 9:16am

Foto's door auteur.

Ik heb Édouard Duplan (36) altijd een fascinerende voetballer gevonden. Niet alleen omdat hij meer op een kunstenaar lijkt dan op een voetballer, maar vooral vanwege zijn interesses buiten het veld. Voordat hij doorbrak als profvoetballer studeerde hij filosofie. Zijn teamgenoten noemden hem soms ‘de professor’ als hij weer richting zijn hotelkamer ging om lekker een boek te lezen.

Na dertien jaar op de Nederlandse velden bij RBC, Sparta, FC Utrecht en ADO Den Haag is de Fransman sinds kort te bewonderen bij de amateurs van Westlandia. Ik ben erg benieuwd hoe hij zijn leven gaat vormgeven zonder profvoetbal. Ik vermoed dat hij niet zoals de meeste voetballers jeugdtrainer of scout wil worden.

Ik zoek Duplan op in zijn woonplaats Rotterdam en spreek hem over zuipen in de kantine, een avondcursus meubels maken en zijn droom om ooit een bed & breakfast in Griekenland te openen.

VICE: Ha Édouard, hoe gaat het met je?
Édouard Duplan: Het gaat goed, behalve dat ik twee gebroken ribben heb. Tijdens een wedstrijd met Westlandia kwam een keeper vol met zijn knie naar voren vliegen. Dat was niet fijn. Ademhalen voelt onwennig en slapen is ook niet relaxed. Als ik moet niezen of hoesten doet het pijn, maar verder is het inmiddels wel te doen.

Welkom in het amateurvoetbal.
Haha, verder bevalt het erg goed. In de eerste weken toen de profs weer begonnen met voetballen had ik het er best moeilijk mee. Ik miste de dagelijkse training en het vechten voor mijn plek. Het begint langzaam te wennen en het scheelt dat de jongens hier een goed niveau hebben. Hier is ook net wat meer ruimte om te lachen en een biertje te drinken. Ik ben zelfs al mee geweest naar een dorpsfeest in Naaldwijk. Ik heb in de eerste vier weken bij de amateurs meer bier gedronken dan in mijn laatste tien jaar als profvoetballer.

Edouard Duplan

Je zit nu ook in de kleedkamer met allemaal gasten die een normale baan hebben.
Dat vind ik heel interessant. Een van de jongens begeleidt bijvoorbeeld probleemjongeren, een heftig, maar mooi beroep. Voetbal is voor hem een uitlaatklep. Hij kan gebeurtenissen op het veld veel makkelijker relativeren. Een andere jongen studeert Rechten, weer een ander kan bouwkundige rapporten opstellen. Ik wou dat ik zoiets kon.

Wat zou je willen?
Ik ben met een vriend van me druk bezig met een eigen website, waar mensen activiteiten kunnen boeken. Daar ben ik momenteel de meeste tijd aan kwijt, en daarnaast heb ik nog een andere ambitie. Voorlopig is het meer een verre droom, maar een bed & breakfast in Griekenland lijkt me mooi. Mijn vriendin is Grieks, dus soms zitten we naar de mogelijkheden te kijken. Ergens aan zee. Het leven daar, het eten, de zon en de landschappen. Ik zou daar dan ook zelf willen werken. Geweldig lijkt me dat.

Was het een lastig besluit om te stoppen met profvoetbal?
Het liefst wilde ik zo lang mogelijk doorgaan, maar mijn lichaam kon het niet meer aan. Frustrerend, maar het maakte het ook makkelijker, omdat ik gedwongen werd om te stoppen. Ik was niet klaar met voetbal, voetbal was klaar met mij.

En nu?
Voetbal was altijd een manier om mezelf uit te drukken, de enige manier om aan anderen te vertellen wie ik ben. Als ik een wedstrijd had verloren of niet goed had gespeeld, kon ik daarna uren afwezig zijn. Ik dacht de hele tijd aan wat ik verkeerd had gedaan. Ik dacht: ik ben voetballer, dus als ik niet goed voetbal, ben ik niets. Nu wil ik in andere projecten iets bereiken. Het is alsof ik continu iets wil bewijzen aan mezelf, om maar het idee te hebben dat ik iets waard ben.

Dat klinkt behoorlijk hard voor jezelf.
Ik weet ook niet waar die gedachten vandaan komen. Ik had het als kind al, toen was ik bang om mijn vader teleur te stellen als hij naar een wedstrijd kwam kijken, terwijl hij nooit heeft gezegd dat hij ook maar enigszins teleurgesteld in me was. Dat is best heftig. Dat heb ik altijd meegenomen en vertaald naar mijn leven. Je moet er veel voor doen om te slagen als profvoetballer, maar je moet ook geluk hebben. Tot nu toe heb ik dus veel geluk gehad in mijn leven, maar nu is tijd om te laten zien dat ik ook écht wat kan.

Voordat je prof werd heb je tweeënhalf jaar filosofie gestudeerd.
Klopt. Ik vind het nog steeds interessant. Het leukste aan filosofie vind ik het structureren van mijn gedachten. De examens vond ik altijd het leukst. Dan kregen we vier uur de tijd om één vraag te beantwoorden. Bijvoorbeeld: “Is er een mate van vrijheid?” Zo’n vraag gestructureerd beantwoorden, dat vond ik leuk.

Edouard Duplan

Is er een leraar die je altijd is bijgebleven?
In mijn examenjaar van de middelbare school was filosofie een verplicht vak, en het werd gegeven door een leraar genaamd Michel Soubiran. Hij was echt fantastisch, zelfs de meest ongeïnteresseerde pubers wist hij te prikkelen. Hij gaf me het vertrouwen dat ik goed was in filosofie. Door hem ben ik het ook gaan studeren. Hij is inmiddels helaas overleden, het was zo’n inspirerende man.

Had je in het voetbal iets aan je studie filosofie?
Nee, niet echt. In het voetbal heb je veel meer aan de oosterse dan de westerse denkwijze. Op het veld moet je niet veel nadenken, maar juist je intuïtie volgen. Als je een lange bal krijgt, moet je niet nadenken over je aanname, want dan gaat-ie juist fout. Op het veld moet je er eigenlijk niet zijn.

Zou je die studie nog af willen maken?
Nee, maar ik zou het wel vet vinden om echt een vak te leren.

Edouard Duplan

Zoals?
Ik hou van voetbalschoenen, dus ik zou wel willen leren hoe je die ontwerpt. Ik probeerde mijn eigen schoenen ook altijd aan te passen tijdens mijn carrière. Ik wilde ze niet mooier maken, maar effectiever. Bij FC Utrecht speelde ik op Puma-schoenen, die waren aan de zijkant van kunststof. Als het nat was, speelde dat niet zo lekker. Ik heb toen wat leer gekocht en dat door een schoenmaker op bepaalde plekken laten stikken. Zo heb ik wel meer geëxperimenteerd om de perfecte touch te vinden. Maar er zijn heel veel dingen die ik zou willen leren. Meubels maken lijkt me bijvoorbeeld ook heel gaaf.

Kun je dat al een beetje?
In mijn tijd bij ADO Den Haag heb ik een korte avondcursus gedaan. In Rotterdam kreeg ik les in een groepje en mochten we zelfs iets ontwerpen met hout. Ik heb toen een tv-meubel gemaakt. Een cursus elektrotechniek lijkt me ook interessant. Als ik de meterkast open doe, heb ik vaak geen idee wat ik moet doen. Soms heb ik het gevoel dat ik op sommige vlakken een achterstand heb. Laten we het erop houden dat ik nog veel wil leren.

Sommige voetballers belanden na hun carrière in een zwart gat, omdat ze niet weten wat ze moeten gaan doen. Voor jou wordt het meer de vraag wat het gaat worden, met al die keuzes.
Juist met keuzes maken heb ik altijd moeite gehad. Dat ik zoveel dingen interessant vind maakt het wat makkelijker om geen profvoetballer meer te zijn. Ik besef hoe belangrijk voetbal was in mijn leven, en hoe het mijn zelfbeeld bepaalde. Ik wilde het gat zo snel mogelijk opvullen met iets anders. Het is een heerlijk idee dat alles nu nog open ligt. We gaan het zien.

Dit is een verhaal uit de serie Het Nieuwe Leven, waarin gestopte profvoetballers vertellen over hun nieuwe carrières binnen en buiten de voetbalwereld. Zie hier alle verhalen uit deze serie van VICE Sports.