Tijdens mijn laatste bezoek aan Berlijn afgelopen december, heb ik – zoals dat gaat in een gemiddeld weekend daar – wel twintig verschillende dj’s horen draaien, waaronder grote namen als Âme, Modeselektor en Trus’me. Toch is er maar één set die me echt is bijgebleven en dat is de set van Eric Cloutier. Zijn sound was donker maar warm, steady maar dynamisch, techno maar toch house; heel eigengereid en innemend.
Ik ging op onderzoek uit en kwam erachter dat Eric Cloutier slechts één track uit heeft gebracht. Toch draait hij overal ter wereld. Daarvoor moet je wel een verdomd goede dj zijn. Sindsdien ben ik door hem geïntrigeerd. Dus toen ik zag dat hij in Trouw staat komend weekend, moest en zou ik hem interviewen. Eric blijkt even interessant als zijn muziek. Wat volgt is een heel open gesprek over ocd’s en onzekerheden, de verstikkende trots van Detroit en hoe EDM tegelijk goed en slecht is voor de technoscene. Ook legt Eric me uit wat The New Dance Show was – en niet te vergeten: Rave Busters.
Videos by VICE
THUMP: Hoe raakte je geïnteresseerd in elektronische muziek?
Eric Cloutier: “Ik kom uit Detroit dus dan gaat dat een beetje vanzelf. Het gebeurde zo rond 1996/’97, een beetje de hoogtijdagen van de ravescene in Detroit. Er waren heel veel feestjes, het was overal. En als ik thuis kwam, keek ik reruns van The New Dance Show. Daar hoorde je shit als Green Velvet en DBX voorbij komen. Mijn eerste feestje was met Richie Hawtin en John Acquaviva en ik was al vrij snel hooked. Dat veranderde al snel in een obsessie: ik stopte steeds minder tijd in al mijn andere hobby’s – skaten, snowboarden en grafisch ontwerpen – en kocht eigenlijk alleen nog maar platen.”
Kreeg de scene in Detroit destijds brede support, of was het toch meer iets marginaals?
“Ergens rond de eeuwwisseling begonnen ze met een rubriek op Fox 2 News genaamd Rave Busters. Dan was je rond vier uur ’s nachts op een illegale en kwam ineens het SWAT-team binnenvallen, op de voet gevolgd door camera’s die iedereen en ales vastlegden. En dan zag je de volgende dag een filmpje met zo’n stem van: “Do you know what you’re kids are doing on a Saturday night?” Die periode heeft echt de scene gekilled. Daarna was het veel moeilijker om nog feestjes te geven die langer open bleven dan tot 2 uur ’s nachts.”
Je bent op een gegeven moment naar New York verhuisd. Wat trof je daar?
“Zo’n zeven jaar geleden kwam ik daar en toen werd ik eigenlijk vanzelf naar [Bunker] getrokken, omdat daar precies alles werd gedraaid wat ik echt vet vond. De sfeer was er een beetje hetzelfde als op de feestjes die ik kende in Detroit, dus in dat opzicht was het geen grote verandering. Wat me wel opviel, was dat de gemeenschap daar een stuk positiever is en minder in zijn eigen geschiedenis opgesloten zit.”
Hoe uitte zich dat dan in Detroit?
“Detroit is een beetje bang om te veranderen. Je hebt er de trots en de borstklopperij over wat ze allemaal hebben uitgevonden, maar ze graven een beetje hun eigen graf door de hele tijd zo moeilijk te doen. Oké, dus je hebt iets uitgevonden, maar misschien moet je gewoon accepteren dat iemand anders er een draai aan heeft gegeven en het net iets beter heeft gedaan dan jij?”
Hoe voelt dat nu in Berlijn? Voel je je welkom en geaccepteerd?
“Ik denk het wel. Berlijn is een hele competitieve scene met veel dj’s, maar ik heb het gevoel dat het goed gaat, steeds beter zelfs. Natuurlijk had ik al een sterke reputatie voordat ik hierheen verhuisde. Ik ben niet de zoveelste gast die een gig probeert te krijgen in de Berghain. Maar toch heb ik nog steeds het gevoel dat ik de new kid on the block ben en dat ik nog hard moet werken om hier mijn naam verder te vestigen.”
Hoe krijg je inspiratie?
“Ik ben een groot deel van mijn tijd aan het platenshoppen. Ik krijg een hoop promo’s, waar ik stuk voor stuk naar luister; je weet immers nooit. En ik ga veel uit om dj’s uitchecken. Ik mis bijvoorbeeld nooit Ben Klock in de Berghain, omdat ik altijd blijer uit de tent loop dan ik erheen ging. En als ik dan thuis kom, zet ik meteen de computer aan om nieuwe ideeën uit te werken. Soms loop ik ook gewoon door mijn huiskamer melodieën te neuriën en dan kijk ik wat er gebeurt.”
Je bent A&R voor TANSTAAFL. Hoe kom je aan muziek en artiesten?
“Het label wordt gerund door drie dj’s die alsmaar bezig zijn met crate digging. Soms horen we ook iets op Soundcloud wat geweldig is. Dan sturen we het naar elkaar en dan beslissen we samen of het echt iets voor TANSTAAFL is.”
Breng je ook iets uit van iemand als je niet zeker weet of er meer in zit dan een paar tracks?
“Hangt ervan af. Zodra het balletje begint te rollen, denk ik dat ze wel beseffen dat ze er verder mee kunnen gaan. Dan worden ze gewoon erdoor gegrepen en dan begint het. Dan is het net als een goederentrein die maar doordendert. Dan kun je niet meer stoppen. Dan slaap je amper nog en ga je er helemaal voor.”
Wanneer gebeurde dat voor jou?
“Het was een beetje een samenloop van omstandigheden. Ik was steeds meer aan het draaien en steeds meer aan het reizen. Terwijl het alsmaar beter ging, werd ik ontslagen bij mijn andere baan. Ik zag het als een teken om me te richten op mijn muziekcarrière. En dat heeft gewerkt. Sindsdien gaat het langzaam maar zeker steeds beter en beter. Het kan natuurlijk altijd nog beter, maar het begint nu echt te komen. Het voelt nu natuurlijker dan ooit, vooral met produceren.”
Ja, op een gegeven moment kom je op dat punt dat je denkt: wat ik probeer te maken komt er ook daadwerkelijk uit.
“Precies. Dat was het probleem. Er waren genoeg dagen waarop alles wat ik uit Ableton probeerde te halen als een ruft klonk. Nu heb ik echt het idee dat ik kan gaan zitten en ook echt iets uit mijn muziek halen. Waarschijnlijk helpt het niet dat ik een beetje obsessief compulsief ben, dat ik me een hele dag blind kan staren op één hihat, omdat ik alles perfect wil doen. Op die manier ben je natuurlijk wel twee jaar bezig om een EP af te krijgen.”
Gaat het nu beter omdat je meer geleerd hebt dingen los te laten, of ben je gewoon sneller geworden in de sound perfect krijgen?
“Een beetje van beiden, denk ik. Maar vooral het loslaten is belangrijk. Ik denk dat veel te maken had met een zekere mate van onzekerheid. Er was een hoop druk om iets vets te produceren, want ik draaide al achttien jaar en had tot vorig jaar nog nooit iets uitgebracht. Mensen kenden me natuurlijk al van mijn draaien, dus die verwachtten op zijn minst een meesterwerk.”
Dus je had al een writersblock voordat je überhaupt begon?
“Ja, dat is echt wat het was. Ik klapte er helemaal van dicht. Ik vond het allemaal kut wat ik maakte en soms heb ik zelfs hele tracks gedelete. Dat ging echt helemaal nergens over en nu heb ik natuurlijk spijt, want met die tracks had ik waarschijnlijk met de kennis die ik nu heb veel betere tracks kunnen maken. Maar als je me een beetje zou kennen, zou je zeggen dat het typisch iets voor mij is. Ik ben wel echt een beetje impulsief.”
Gek, want in je sets kom je juist heel gecontroleerd over.
“Ja, okay. Ik denk dat het tijdens mijn draaien neerkomt op veel ervaring en comfort. Zodra ik geoefend ben in mijn producties, komen die tracks net zo natuurlijk en beheerst over als mijn draaien. Misschien tover ik de muziek tegen die tijd wel met gesloten ogen tevoorschijn.”
Merk je dat je sinds je eerste track voor Mosaïc wat zelfverzekerder bent geworden?
“Zeker. Een paar dagen geleden heb ik een zipfile verstuurd aan mensen die ik echt hoog heb zitten en gevraagd om feedback. Ik zei dat ik hun mening respecteerde. Daaronder zette ik nog iets van: ‘Ik kom uit Detroit, dus ik heb een dikke huid en je mag echt heel erg eerlijk tegen me zijn. Als het helemaal kut is, hoor ik het graag, om ervan te leren.’ Dat was best wel spannend, vooral toen ik de eerste anderhalve week niets hoorde en dacht: ‘O shit, niemand heeft gewoon de ballen om me te vertellen hoe kút mijn muziek is.’ Dat bleek dus heel erg mee te vallen, want daarna kwam van meerdere kanten superpositieve feedback. Maar ik kan mezelf dan in van die volkomen onredelijke neerwaartse spiralen praten. Dan ben ik als de dood om een fout te begaan, vooral ten overstaande van de mensen die ik zo hoog heb zitten.”
Heb je het gevoel dat je nog steeds aan het leren bent, ook wat draaien betreft?
“Ja. Ik probeer mezelf steeds nieuwe dingen te leren. In het begin was ik ook echt omringd door mensen die drie tot vier draaitafels gebruikten. Dat probeerde ik toen ook, maar uiteindelijk vond ik dat gewoon te stressvol en het kwam de muziek niet ten goede. Inmiddels ben ik het wel weer steeds meer aan het doen, met meerdere draaitafels. Ook omdat ik weer meer techno dan house draai.”
Wat ik interessant vind aan techno dezer dagen, is de vinylpuristen. Het voelt een beetje regressief aan.
“Ik ben ook een vinylpurist. Niet dat ik alléén maar vinyl draai, maar ik heb er altijd op zijn minst vijftig bij me. En ik ben constant nog aan het diggen. Maar als je vet draait kan het me eigenlijk niet schelen hoe je dat doet. Als je mij omver blaast met vier gesyncte tracks in Traktor, ben je gewoon je werk goed aan het doen. Het gaat erom dat je iets interessants en origineels speelt. Je komt zoveel dj’s tegen die uit dezelfde muziekvijver vissen. Je hoort het altijd als een dj alleen maar de Beatport Top 100 van een genre afstruint. Je hoort zoveel mensen dezelfde set afratelen. Het is net of mensen het graven niet meer weten te waarderen. Ze kijken even op de voorpagina van Hardwax en dan zijn ze weer klaar voor de dag. Ze willen supersterren worden, dus zoeken ze de kortste en simpelste manier om daar te komen. Ik denk dat zo dat hele EDM ding ook groot is geworden: het is snel, het is makkelijk en het werkt, dus gaan mensen ervoor.”
Maar heb je ook geen luie mensen onder de vinylpuristen?
“Je hebt overal luie mensen. Hoe jonger mensen worden, des te groter de kans dat ze hun research niet doen en hun kennis niet willen vergroten. Ze vinden iets en stoppen daar. Toen ik helemaal in de punk zat, keek ik altijd in cd-boekjes en op platenhoezen wie de inspiratie van bands waren en schreef dat op. Zo kom je uiteindelijk de hele geschiedenis te weten. Ik heb echt het idee dat dat in de elektronische muziek te weinig gebeurt. Je wil toch weten wie die gasten zijn, waar Ben Klock vroeger voor opende? Wie zijn inspiratiebronnen waren?”
Wie waren jouw inspiratiebronnen en wie zijn het nu?
“In het begin was het Derek Plaslaiko. Ik dacht elke keer weer van ‘hoe de fuck doet-ie dat?’. En ik ben ook gezegend met het horen van Hawtin toen die nog fatsoenlijke techno draaide op draaitafels en een 909. Mills heeft me altijd van mijn sokken geblazen en Daniel Bell is nog steeds een van mijn favoriete dj’s. Tegenwoordig zijn het Peter van Hoesen, Donato Dozzy en Ben Klock die me raken. Maar ik hou altijd mijn oren open. Je weet nooit of de openings-act ineens beter is dan Ben Klock zelf.”
Je zegt ’toen Richie Hawtin nog fatsoenlijke techno draaide’?
“Richie is niet gek; hij weet precies wat hij doet. Hij is heel goed in evolueren. Hij is de afgelopen twintig jaar koploper geweest in een hoop stromingen. De smaak van alle mensen verandert op den duur, ook die van mij en ook die van hem. Maar toen ik hem vroeger Berghain-achtige techno hoorde draaien, vond ik dat stukken interessanter dan de loopachtige, cyclische minimal die hij nu dropt. Het klinkt zo perfect in de maat allemaal. Alles heeft dezelfde kadans, het is echt niet mijn ding.”
Hoe voel je je over de toekomst van techno in het algemeen?
“Nu EDM in Amerika aanslaat, is de cirkel is een beetje rond. Eerst hebben ze elektronische muziek in het verdomhoekje gepropt en nu beseffen ze dat ze een gouden kans hebben gemist om een hoop geld te verdienen, door het te omarmen als elk ander muziekgenre. Europa is er echt mee weggelopen, met de elektronische muziek, terwijl de States echt zoiets hadden van: elektronische muziek is voor drugsverslaafden en rare mensen. Nu willen ze een inhaalslag plegen, wat goed en tegelijkertijd slecht is. De muziek wordt op de domst mogelijke manier in de markt gezet – net als pop, rock en hiphop – tot er een hele verdunde en slechte versie van overblijft.”
Maar zal die verdunde versie mensen uiteindelijk niet naar minder verdunde muziek leiden? Misschien staan de bezoekers van EDC of Tomorrowland volgend jaar wel voor je neus in de Bunker.
“Ik heb het hier ook wel over gehad voordat ik naar Berlijn verhuisde. Als een klein percentage van de miljoenen fans van elektronische muziek zijn weg vindt naar Bunker of misschien de Berghain, is dat nog steeds een substantiële hoeveelheid. Maar ik weet echt niet hoe snel dat gaat gebeuren. Iedereen is zo van de snelle fix. Er wordt – al helemaal in States – vrijwel geen tijd meer besteed aan lezen of dingen onderzoeken. Misschien als iemand op Tomorrowland van Avicii naar Felix Da Housecat aan het lopen is, per ongeluk op Nina Kraviz stuit en denkt: holy shit, dit is écht goed. Het moet mensen wel echt door de strot worden geduwd, anders gaan ze het niet ontdekken.”
Dus kun je concluderen dat EDM goed of slecht is voor de technoscene?
“Ten eerste vind ik de naam echt heel slecht gekozen. Elektronische dans muziek is net zoiets als zeggen trompet jazz of gitaar rock. Maar uiteindelijk denk ik dat de EDM hype goed is voor techno, omdat op een gegeven moment iemand iets zal zeggen wat de perceptie ervan verandert. En dan heb ik het niet over brutale brieven als die van Seth Troxler – waar ik het trouwens volkomen mee eens ben – maar over bijvoorbeeld een of andere EDM gast die in een interview ineens een paar namen noemt waar zijn fans nog nooit van gehoord hebben, die de kids dan vervolgens weer gaan Googlen, waardoor ze die muziek ook weer ontdekken.
Wat dat betreft vind ik die back to back set die Richie Hawtin laatst heeft gedaan met deadmau5 echt briljant. Richie beseft dat er miljoenen deadmau5 fans zijn, die nog nooit van Richie gehoord hebben en andersom realiseert deadmau5 zich dat er miljoenen Richie fans zijn die nog nooit van hem gehoord hebben. Dus je gooit ze bij elkaar en nu heb je in theorie je fans verdubbeld. Maar nog belangrijker is, dat ze van beide kanten de mensen kennis hebben laten maken met iets anders, met iets nieuws.”
Eric Cloutier staat op zondag 8 juni in Trouw tijdens de Pinksterweekender van LET & Nachtdigital.
Meer
van VICE
-

-

Screenshot: Gearbox -

A doctor in medical gloves holds two different sized cucumbers. Concept of increasing penis in men, ligamentotomy, sexual -

NBC/Contributor/Getty Images