KA Hella Cash

De straten verdienen de stem van KA

Dit is voor z'n jongens met enkelband en avondklok.
29 mei 2020, 1:49pm

Deze pandemie is op financieel gebied een hel voor vrijwel iedere artiest, maar hij biedt ook kansen. Producer Spanker geeft al weken het goede voorbeeld: in zijn Spanker Sessions tikt hij live op Instagram een beat, waarna hij bevriende rappers uitnodigt om erop te springen terwijl fans mee kunnen kijken. Diezelfde avond wordt de track afgemaakt, en binnen een paar dagen wordt-ie, inclusief clip, uitgebracht. Deze track van Hef en Sticks kwam bijvoorbeeld voort uit zo’n sessie, net als een samenwerking tussen Murda en Josylvio. Die sessies verlopen eigenlijk altijd erg gemoedelijk. Artiesten kennen elkaar, de vibe is goed en de kijkers zijn dankbaar voor unieke beelden van een maakproces. Een win/win situatie. Tot afgelopen maandag.

Afgelopen maandag had Spanker twee gasten. Een van deze gasten was Sevn, een rapper die het altijd waard is om aan het werk te zien. Het is indrukwekkend hoe snel hij precies de juist flow en melodieën weet te vinden. Dit vind ik niet alleen: afgelopen najaar filmden we hoe Sevn aan het werk was met The Track Masters – legendarische producers die onder andere met Biggie aan Juicy hebben gewerkt – en ook zij stonden redelijk perplex van zijn werkwijze. Gek genoeg boeide het de fans van Spanker niet echt wat Sevn aan het doen was. De comments liepen over van onvrede omdat de echte ster van de avond maar niet in beeld kwam. Met ongeveer duizend tegelijk bleven ze roepen om KA, tot de sfeer zo grimmig werd dat Spanker ervoor koos om de mogelijkheid om reacties te plaatsen uitschakelde.

In een livestream van tweeënhalf uur is KA een krappe tien minuten in beeld geweest. Hij stak z’n duim op naar de kijkers, liet zijn verse horen en sprak z’n waardering uit over de productie, en ging daarna weer weg. Dat klinkt schamel, en is het ook, maar het is veel meer dan we normaal te zien krijgen van de meest intrigerende rapper van het moment. Alleen daarom was dit een maandagavond om niet te vergeten. Ik zal proberen uit te leggen waarom.

KA is een jonge rapper uit Amsterdam die op Spotify geregistreerd staat onder de naam Ayoub Chemlali. Hij stond een tijd lang vooral bekend als een van de talenten van Hella Cash, het label van Josylvio, maar sinds hij afgelopen september langskwam in de studio van Rotjoch zijn de ogen alleen op hem gericht. Die sessie, op moment van schrijven goed voor 5,3 miljoen views, was het startschot van een obsessieve hype die groter is dan we ooit hebben gezien.

Als je korter dan vijf seconden naar hem kijkt en luistert klinkt dit misschien als een verrassing. Het is een slungelige guy wiens ogen eigenlijk altijd verborgen gaan achter het donkere glas van zijn bril, met daarboven een capuchon of vaak terugkerende Louis Vuitton muts. Ook z’n hese stem, vaak binnensmonds, is in eerste instantie niet iets wat je wegblaast: als je oortjes niet van geweldige kwaliteit zijn neem ik je niet kwalijk dat je denkt dat je een verkouden 3robi hoort. Maar luister langer dan vijf seconden, en je wordt meegezogen door een verhalenverteller die z’n weerga niet kent.

Verhalen over drugs en criminaliteit zijn even oud als hiphop (of waarschijnlijk nog ouder), en onlosmakelijk verbonden met het genre. Het is moeilijk om hier vernieuwend in te zijn als jonge rapper, zonder in herhaling te vallen, je teksten ongeloofwaardig aan te dikken of voor verzadiging te zorgen. De reden waarom KA op dit vlak met kop en schouders boven de rest uit steekt, zit ‘m simpelweg in de ongekende details die hij gebruikt. Elke verse is opnieuw een akelige en meedogenloze actiefilm, of een moeilijk level uit je favoriete game; als KA rapt over hoe hij in een garagebox of een Van Der Valk-hotelkamer zit te wachten tot de brandstoftank van de politiehelikopter die achter hem aanzit leeg is, kan het niet anders dan dat je even denkt aan de uren die je hebt doorgebracht als CJ, de hoofdpersoon van GTA San Andreas.

Dat je gelijk denkt aan een game werkt niet per se in z’n voordeel; GTA loopt immers over van onmogelijkheden. Maar wat het bij KA wel geloofwaardig maakt, is dat vrijwel elke line over het snelle leven wordt opgevolgd door een illustratie van de enorme impact die dat heeft op een mens. Hij is geen stoere gangster die onbewogen doet wat hij wil, hij geeft, vrijwel zonder ooit iets schaamteloos te verheerlijken, eerlijk aan dat het hem vanbinnen stuk maakt. Wat Kempi al rapte in Zoveel Stress, heeft KA geperfectioneerd: de onderwereld is een weerzinwekkende plek. Zijn track Amsterdam is hier een goed voorbeeld van.

Die shit die hield me wakker, man. Ik zou anders doen, mattie, als het anders kan. Na plan A en plan B is er een rattenplan. Dus wat dacht je dan, G, ik zweet al nachten lang.’

Je hoeft niets te zeggen, ik kan het lezen in die ogen van je. M’n moeder huilend, zag de duivel in die ogen van me. Intensive care bij m’n vader, hij is overspannen, maar mijn hoofd alleen op rippen en op overvallen.

Maar wat zijn opkomst nu in het bijzonder zo relevant maakt, is de stortvloed van verhalen in de media die bevestigen dat de wereld waar KA over rapt bestaat, en dichterbij is dan de meeste mensen beseffen. Drugsgeweld, schietpartijen en liquidaties lijken in Amsterdam aan de orde van de dag, wat natuurlijk smeekt om duiding. Verslaggevers als Paul Vugts van Het Parool proberen die duiding te bieden. Regelmatig verschijnen artikelen waarin wordt gezocht naar een antwoord op de vraag hoe het toch kan dat jonge jongens in de Randstad veranderen in zware, gewetenloze criminelen. Vaak zijn de conclusies hetzelfde: ze hebben een laag iq, komen niet in aanmerking voor reguliere carrières en worden verblind door het snelle geld. Zelden komen de jongens om wie het gaat zelf aan het woord. Het is vaak beschouwend, van een afstand: verhalen gebaseerd op onderzoek van derden en niet zozeer op gesprekken. Dat is op zich ook te verklaren, want praten met de media is vragen om problemen. Zowel op straat als in diezelfde media.

De stem van rappers als KA is hierin onmisbaar, want zelfs als de media wel in contact komen met probleemjongeren, is het alsnog moeilijk om het achterste van je tong te laten zien zonder veroordeeld te worden. Ik kon mijn ogen niet geloven toen ik een aflevering van Ajouad en de Top 600 zat te kijken. In dit programma doet presentator Ajouad El Miloudi een poging om jongeren die op de Top 600 staan, een lijst waar je opkomt als je een high-impact delict pleegt, aan het woord te laten. Het lukt. Hij gaat met ze in gesprek over hun levens en vraagt zich af hoe wij als maatschappij deze problemen kunnen oplossen. Op zich vet, maar hij laat in dezelfde aflevering aan een politieagent zien dat een jongen met wie hij in gesprek is geweest, een mes bij zich draagt. Daarmee biedt hij een schijnvertrouwen naar die jongens: doe je verhaal bij mij, we maken je gezicht onherkenbaar als je dat wil, maar als je te veel laat zien stap ik wel naar de politie.

Een groot deel van het programma gaat over rehabilitatie en reclassering. Er wordt gepraat met instanties, wetenschappers, jongerenwerkers en buddy’s over hoe jongens uit de Top 600 hun leven weer op de rails kunnen krijgen. Vooruitgang en verbetering is hier essentieel, maar daarin gaat iedereen voorbij aan hoe koud, verwoestend en allesomvattend uitzichtloosheid kan zijn. Precies iets wat de muziek van KA wel biedt.

Het is schrijnend dat Videoland-serie Mocro Maffia, die wel deels gebaseerd is op de werkelijkheid maar nog steeds fictie blijft, beter het leven van ontspoorde criminelen lijkt te schetsen dan alle andere media. Ik wil niet te veel van het verhaal spoilen, maar één ding kan ik wel verklappen: met elke nieuwe aflevering die je aanzet wordt beter duidelijk dat er in die wereld alleen verliezers rondlopen. Dit is duidelijk een verhaal wat mensen willen horen: op de dag dat het nieuwe seizoen werd gelanceerd wilden er zo veel mensen kijken dat de servers van Videoland bezweken.

KA heeft, op wat losse singles en bijdrages op Hella Cash-compilatiealbums na, zelf nog niets uitgebracht. Hij doet geen interviews, laat z’n gezicht nergens zien en zijn instagrampagina lijkt in niets op het belangrijkste platform voor een jonge artiest in deze fase van z’n carrière. Je ziet een foto van KA voor het paleis op de Dam met als caption ‘Ik ga t regelen’, een foto van KA in een zonnige jachthaven met als onderschrift ‘ik ga jullie het geven’ en een foto achter het stuur van een Lamborghini: ‘ik ga beginnen met ze’.

Het is duidelijk dat hij muziek gebruikt voor de dingen die hij wil vertellen. Dat is niet voor online faam, niet voor de media, niet voor instanties die hulp aanbieden. Voor wie dan wel? Zoals hij zelf zegt: ‘dit is voor mijn jongens in Damascus met bouwlampen en gasmaskers’, ‘dit is voor m’n jongens in beperking en de achterstand’, ‘dit is voor m’n jongens met enkelband en avondklokken’.