Het Antwerpse NoMoBS verkondigt geen onzin

Een gesprek met Salah en Saïd over de staat van rap in Vlaanderen (die volgens hen vrij deplorabel is).
JB
Antwerp, BE
31 maart 2016, 8:32am

Het Antwerpse rapcollectief NoMoBS – kort voor No More Bullshit – maakt sinds 2012 opstandige hiphop. Opstandig, omdat ze hun mening duidelijk verkondigen aan iedereen die het horen wil. Volgens de jongens is er al jaren een schrijnend tekort aan hiphop die zegt waar het op staat, met maatschappijkritische teksten. Salahdine Ibnou Kacemi, Saïd ‘Eazy Lo’ Boumazoughe, Mike De Ridder en Yahya ‘R8’ Affane rappen over het Kiel in Antwerpen, de buurt waar ze vandaan komen en opgroeiden, over jongeren, een tekort aan sociale projecten, discriminatie en overlast.

Toen de clip voor Zehma – het tweede nummer dat NoMoBS ooit maakte – op YouTube verscheen, ontplofte er in de Vlaamse hiphopscene een kleine bom. Nu staat NoMoBS als eenzame leider op de barricades. Ik heb afgesproken met Salah en Saïd in het hartje van het Kiel in het zuiden van Antwerpen.

Noisey: Het Kiel is een belangrijke plek voor jullie. Waarom?
Saïd: Het Kiel heeft ons gemaakt tot wie we nu zijn. Onze buurt is een smeltkroes van verschillende geuren, kleuren en religies. Hosselen, voetballen op het pleintje, en leren omgaan met politie. Respect leren hebben voor de oudere mannen op de straat, normen en waarden die je niet meekrijgt op school, maar wel in de buurt. De straat is een verlengstuk van de schoolbanken.

NoMoBS is meer dan een rapcollectief. Jullie maken theatervoorstellingen en sketches, doen spoken word, en geven workshops. Was dat vanaf het begin de bedoeling?
Salah: Nee, niet echt. Toen we het voorstel kregen om een theatervoorstelling te maken, dachten we eerst: “Drarie gaan we dat echt doen? Theater, is dat wel iets voor ons?” Maar we willen evolueren en iets betekenen, het artiest-zijn breder maken en zo op verschillende markten iets doen.
Saïd: Naast artiesten zijn we ook sociaal ondernemers. Je moet veelzijdig zijn. Kijk maar naar Leonardo Da Vinci, die was ook niet enkel kunstenaar.

De Homo Universalis.
Saïd: Exact. Veelzijdig zijn. Dat is de essentie, anders word je niet serieus genomen.
Salah: Dat heb ik ook als iemand naar mij komt en zegt: “Hé, jij bent die rapper.” Dat stoort me al direct. Ik ben meer dan alleen een rapper.
Saïd: Daar komen dan direct stereotypen bij: je rookt wiet, dus je bent lui.
Salah: Het is kleinerend. “Je bent maar een rapper, je gooit wat teksten op een beat.” Maar ik ben een artiest, en er zit veel meer in dan enkel wat woordjes bij elkaar gooien.
Saïd: De doorsnee Vlaming kent weinig hiphop. 50 Cent, en daar houdt het gelijk op. Hoe bereik je die mensen? Via hun kanalen: theater, comedy. Zo kom je op hun niveau, dat heeft hebben we gaandeweg geleerd. Je moet een octopus zijn en je tentakels uitzetten.

Hoe verhouden jullie je tot de hiphopscene in België?
Salah: Er zijn veel jongeren die proberen door te breken. De invloed van Mocrorap uit Nederland is sterk, en dat is logisch ook. Wat wij proberen te doen, is dat omkeren: hen beïnvloeden in plaats van andersom.
Saïd: We moeten onze eigen stijl hebben. Ik ben Vlaams, en ik rap Vlaams. Accepteer dat.
Salah: Toen de Jeugd van Tegenwoordig naar België kwam, klaagde niemand dat het onverstaanbaar was. Als je hier iets maakt, en dat wordt succesvol in Nederland, dan gaat het van: “Pff, met dat kankeraccent”, “kanker dit, kanker dat”, en “als het een Hollandse rapper was, dan was het echt een gruwelijke track.” Nee man, het is al een gruwelijke track! Damn.

In Nederland heb je 101 Barz en Zonamo Underground die voor een platform zorgen voor underground rap. Hoe is dat in België?
Salah: Er is in België echt behoefte aan een platform dat jongeren stimuleert. Er zijn wel pogingen gedaan: Flus, de Vlaamse Rap Awards of Chase. Ze proberen elke week vijf lokale tracks te posten, maar dat raakt hoogstens het topje van de ijsberg. Het is moeilijk.
Saïd: Studio Brussel zou gewoon minstens een uur in de week moeten besteden aan lokale hiphop.
Salah: In België wordt er elk jaar één hiphopartiest gehypet en alles draait dan rond die ene artiest. Die krijgt massaal exposure en steun. De rest? Die mogen toekijken en wachten. Dat was zo met Safi en Spreej, Slongs, Tourist LeMc en nu Woodie Smalls.

Als jullie de tijd en middelen hadden om zo’n platform op te richten, hoe zou dat eruit zien?
Saïd: Een radioshow. Livestreamen, talkshows, focus op lokaal talent.
Salah: Oké, de radiozender MNM doet dat wel een beetje, met Urbanice, elke donderdagavond komt er een lokale artiest optreden. Maar alle andere nummers in de playlist zijn internationale hitjes, niks van Belgische bodem. Gast, jullie willen focussen op lokaal talent, maar er zit er geen enkele in de playlist? Het is ook altijd laat op de avond, dan luisteren er veel minder mensen naar de radio.

Dat helpt niet echt, nee.
Salah: Iedereen waar ik mee praat, die een beetje een mooie carrière in de muziek heeft, zegt hetzelfde: hiphop in Vlaanderen is na dertig jaar gewoon nog steeds een niche.

Hoe zit het met de onderlinge support?
Saïd: Welke support? Iedereen is bezig met z’n ding, zo valt er weinig te supporten. Wij proberen zoveel mogelijk op elke gig of releaseparty aanwezig te zijn. Maar als dat niet terugkomt, dan daalt het enthousiasme uiteindelijk wel. Je doet gewoon je ding.

Jullie klagen heel wat vastgeroeste ideeën en vooroordelen aan, maar bieden ook oplossingen en alternatieven. Vaak blijft het bij het uiten van frustraties.
Saïd: Wij zijn een collectief. Wij stimuleren elkaar met onze ideeën. Als de een gefrustreerd is, houdt de ander dat tegen en gaat daar iets goed van maken. Wij zijn allebei maatschappelijk werker, Salah en ik. Wij kennen die discussies: hoe kan je positiviteit in de buurt aanmoedigen? Dat zit echt diep, en gaat over onderwijs, opvang en meer. Als je in Vlaanderen als Marokkaan succesvol bent, dan ben je direct een aanspreekpunt om alle maatschappelijke issues aan te pakken. “Jij begrijpt die mannen!” Tuurlijk, maar ik kan niet in iemands hoofd kijken.

Proberen jullie ook in jullie werk die positiviteit naar voren te dragen?
Salah: We worden vaak ingehuurd om op scholen in Brussel en Turnhout workshops te geven over hiphop, acteren en slam poetry.
Saïd: Je kan ons vergelijken met een soort artistieke lifecoaches. Ze vragen ons ook op scholen voor speciaal onderwijs, of de gevangenis. We hebben al een project opgezet in een jeugdinstelling.

Tot slot: kunnen jullie nog wat toffe Vlaamse rappers aanraden?
Salah: Pepe. Hij blijft goeie dingen doen.
Saïd: A-team, Ramzi.
Salah: Ice-P, Soul'Art, Bizzi Blazza en Netwerk zijn allemaal goed bezig. Het hangt nu gewoon af van dat platform hier in België.

Thanks!

Deze week bracht Noisey de nieuwe documentaire Mocrorappers uit, met onder meer Ismo, 3robi, Ali B Salah Edin en Appa. Bekijk de documentaire hier.