IMG_4957
Sport

Jerson Cabral over Broederliefde, lijpe supporters en Rivaldo

Zo belandde het voormalig Feyenoord-talent uiteindelijk op Cyprus.
22 juli 2020, 8:54am

Jerson Cabral (29) was ooit een veelbelovend talent bij Feyenoord en FC Twente, maar de afgelopen vier jaar verbleef hij, op een half jaar bij Sparta na, vooral in het buitenland. Hij wisselde van clubs in Frankrijk en Bulgarije, en speelt tegenwoordig op Cyprus bij Pafos FC.

Ik was benieuwd hoe het met hem ging, en sprak daarom met hem af in een Rotterdamse loungebar. Een paar dag later zal hij weer terug naar Cyprus vliegen om aan de voorbereiding bij Pafos te beginnen. Cabral vertelt over zijn status als moeilijke jongen in Nederland, zijn vrienden van Broederliefde en zijn ontmoeting met Rivaldo.

VICE: Hey Jerson, hoe bevalt het leven op Cyprus?
Jerson Cabral: Helemaal top. Ik woon in een vrijstaand huis in de bergen. Zwembadje erbij, prima uitzicht, dat maakt het aangenaam. Ik zit er nu nog alleen, mijn vriendin, dochters en stiefzoon zijn nog in Nederland. Ik moet bekennen dat ik best saai ben. Mensen verwachten dat niet van een voetballer, maar ik ben graag thuis. Soms ga ik de deur uit om wat te eten of naar strand te gaan. Of ik maak lekker een wandeling over de boulevard.

Voordat je naar Cyprus vertrok, speelde je bij Levski Sofia. Hoe was dat?
Dat was een mooie tijd. Er wordt altijd een beeld geschetst van Bulgarije dat het een grijs land is, maar Sofia is een topstad. Er is veel te beleven en er zijn veel plekken om te eten. Het leven is zo goedkoop daar. Als mijn gezin op bezoek kwam, gingen we weleens uitgebreid sushi eten. Waren we veertig euro kwijt. Ik hoorde natuurlijk ook de verhalen over betalingsachterstanden, maar misschien heb ik gewoon geluk gehad. Ik speelde er met goede gasten uit de Premier League, zoals Gabriel Obertan en Jordi Gomez. Die kennen de klappen van de zweep. Rivaldinho zat ook in mijn team, de zoon van Rivaldo.

Jerson Cabral

Heb je Rivaldo ontmoet?
Ja, dat was bijzonder. Weet je, ik respecteer iedereen. Of je nou voetballer bent, hier in het café werkt of vuilnis ophaalt. Ik voel me niet beter of minder dan iemand, dus normaal ben ik niet zo snel onder de indruk. Maar Rivaldo! Dat was wel gek, man. Hij kwam de kleedkamer binnen en gaf iedereen een hand. Toen dacht ik: wow, Rivaldo is hier man. Hij is echt een legend. Die man is bij wijze van spreken vijf keer wereldkampioen geworden.

Levski heeft wel lijpe supporters. Wat voor ervaringen heb je daarmee gehad?
Ik herinner me een uitwedstrijd tegen Ludogorets. We moesten vijf uur rijden naar Razgrad. Toen we aankwamen zag ik allemaal fakkels. Er werd van alle kanten tegen de bus geslagen. Ik dacht dat ze ons gingen aanvallen. Bleken het onze eigen supporters te zijn. Ze stonden daar, kilometers achter elkaar. Bij de warming-up zat het hele uitvak al bommetje vol. Ze gingen tekeer, niet normaal. Ja, dan krijg ik wel zin om te vlammen.

Heb je ook slechte ervaringen met de supporters uit Bulgarije?
De enige keer was tijdens de kwalificatierondes voor de Europa League. We speelden tegen FC Vaduz, uit het tweede niveau van Zwitserland. Ze schakelden ons uit, en toen moesten we heel lang in het stadion wachten. De supporters wilden echt naar binnen komen. Ze hadden het gemunt op de trainer. Voor mijn gevoel was het niet levensbedreigend, maar ik dacht wel: als ze maar niet met z’n allen naar binnen komen. Van vijf van die doorgesnoven mannen zou iedereen al bang zijn.

Ik zag op Instagram dat je ook goed bent met de jongens van Broederliefde. Hoe is dat tot stand gekomen?
Het zijn kameraden, man. Iedereen noemt elkaar tegenwoordig broer, maar die jongens zitten echt in mijn hart. Met Emms heb ik nog op de crèche gezeten. Melvin ging een tijdje met mijn buurmeisje, rond mijn negentiende. Dan gingen ze bij haar thuis een showtje oefenen. Mijn moeder werd daar gek van, die ging weleens verhaal halen met een bezem. “Sorry mevrouw,” riepen ze dan. En ik dacht alleen maar: lekker bezig jongens. Het zijn nu echt boegbeelden. Hun succes maakt me trots.

Jerson Cabral

Je eerste buitenlandse avontuur was op Corsica, bij SC Bastia. Hoe kijk je daar op terug?
Buiten het veld was alles helemaal top. Ik had een goed contract voor drie jaar, maar het voetballen liep niet zoals ik gehoopt had. De wedstrijdjes die ik mocht spelen gingen altijd goed, maar de trainer, François Ciccolini, die had iets tegen me. Ik kan me nog een bekerwedstrijd tegen Guingamp herinneren. Ik speelde negentig minuten lang lekker, maar we werden uiteindelijk na penalties uitgeschakeld. Zelfs de assistent kwam na de wedstrijd naar me toe om te zeggen dat ik het goed had gedaan. Ik voelde echt: dit is hét moment om door te pakken. De volgende wedstrijd liet de trainer me niet eens invallen. Toen dacht ik: wat wil je nog meer van me? Ik heb nog wel een keer ingevallen tegen Paris Saint-Germain. Dan pak je toch wel even de wereldtop mee.

Heb je wel wat kunnen laten zien?
Ja man, ik kwam vooral Layvin Kurzawa en Presnel Kimpembe tegen. Ook jongens als Julian Draxler, David Luiz, Edinson Cavani en Angel Di Maria speelden mee. We stonden dik achter en ik kreeg ongeveer een kwartiertje. Ik had schijt en ging telkens als ik de bal had mijn tegenstander opzoeken. Een vriend van me, Timbelsi, had een compilatie gemaakt van dat kwartiertje, maar in die hoogtepunten leek het wel of ik een hele wedstrijd had gespeeld.

Wat hebben je buitenlandse avonturen je geleerd?
Met de kennis van nu zou ik in mijn jongere jaren dingen anders hebben gedaan. Zoals bij Feyenoord. Het is en blijft mijn club, tot ik dood ga. Ik ben een Rotterdammer en ik heb er van de F-jes tot het eerste gespeeld. Een jongensdroom, snap je? Er werd weleens gezegd dat ik een lastige jongen ben, maar ik heb gewoon karakter. Geen enkele trainer kan mij vertellen dat deze bruine tafel rood is. Dat hoeft niet te betekenen dat ik geen respect heb, maar dan zijn we het gewoon niet met elkaar eens.

Ik heb inmiddels geleerd dat het erom gaat op welk moment je reageert. Ik weet nog dat Ronald Koeman me eraf haalde tegen Heerenveen. Ik vroeg meteen waarom, maar dat is niet het beste moment. Geen slecht woord over Koeman, trouwens. Tot op de dag van vandaag is hij de beste trainer die ik heb gehad. Ik weet nog dat we weleens luidruchtig zaten te praten in de kleedkamer met jongens als Ruben Schaken, Karim El Ahmadi en Jordy Clasie. Hij stapte binnen: iedereen muisstil. Zegt-ie: “Jullie kunnen gewoon doorpraten, hoor.” Hij moest er wel om lachen, maar die uitstraling heeft hij gewoon.

Vind je zelf dat je de naam van moeilijke jongen hebt in Nederland?
Voor mijn gevoel vonden mensen bij Feyenoord me nog lekker mondig. Later bij FC Twente kwam er een beeld dat ik echt een foute jongen ben. Er kwamen verhalen naar buiten over buren die zouden klagen over geluidsoverlast. Ik speelde alleen in de middag op de PlayStation. Ik betaal mijn huur daar. Moet ik dan de hele dag als een muis gaan zitten? Die status van moeilijke jongen heb ik echt in Twente gekregen. Na mijn eerste jaar kreeg de club financiële problemen, en ik was een van de grootverdieners. Ze wilden me koste wat het kost weg hebben. Ze behandelden me op een manier zoals je niet met mensen omgaat. Ze hebben dat heel vies gedaan.

Jerson Cabral

Heb je voorbeelden?
De mooiste voorbeelden waren in mijn laatste seizoen bij FC Twente. Nadat ik twee keer werd verhuurd, heb ik daar wel gekke dingen gezien. Tijdens de voorbereiding merkte ik ineens dat het de goede kant op ging. Alfred Schreuder gaf zelfs aan dat als ik zo door zou gaan, hij geen reden zag om me niet te laten spelen. Ik begon de serieuze oefenwedstrijden ook te spelen. Een dag voordat de competitie begon kwam Schreuder naar me toe met een beetje een ongemakkelijke houding: “Ik moet nu weg, maar je zit morgen niet bij de selectie.” De manier hoe hij dat communiceerde kon ik niet hebben. De jongens moesten me echt tegenhouden. Een tijdje later zat ik zelfs wissel op de training, bij partijtjes van elf tegen elf. Toen wist ik het zeker: jullie willen me echt tot op het bot vernederen.

Je draaide uiteindelijk wel een lekker seizoen, waardoor je daarna kon beginnen aan je buitenlandse avonturen.
Schreuder werd vervangen door zijn assistent, René Hake. Toen kwam mijn kans. Na de winterstop is de rest geschiedenis. Hakim Ziyech en ik hebben FC Twente op slot gezet. Nadat ze me twee jaar hadden geprobeerd weg te pesten, was dat wel lekker. Mensen die me eerst niet aankeken, kwamen me nu omhelzen. Ik vind FC Twente nog steeds een superclub, maar het is niet netjes hoe bepaalde mensen daar met mij zijn omgegaan. Hake respecteer ik tot mijn graf. Het is een man van zijn woord en hij heeft me de kans gegeven om door de voordeur weg te gaan. Dat was alles wat ik wilde.

Je contract op Cyprus loopt nog een jaar. Wat wil je daarna gaan doen?
Ik zie het wel. Ik tekende voor drie jaar in Frankrijk en was er na een jaar alweer weg. Ik tekende voor vier jaar bij FC Twente en uiteindelijk begonnen mensen in mijn laatste jaar pas over de voetballer Cabral te praten. Er valt niet te plannen in de voetballerij.

Hoe kijk je terug op je loopbaan?
Ik had mijn carrière zeker weten anders gezien. Maar goed, sommige dingen heb je niet helemaal zelf in de hand. Ik weet wel dat ik op een hoger niveau moet spelen dan ik nu speel. Ik weet ook dat ik de kwaliteiten daarvoor heb. Maar het is gelopen zoals het is gelopen.

-

Tijdens de coronacrisis bellen we met voormalig spelers uit de Eredivisie, om erachter te komen hoe het nu met ze gaat. Van Shinji Ono in Japan tot Jozy Altidore in Canada. Al deze interviews zijn hier te vinden. Naast onze geschreven verhalen en video's hebben we nu ook een podcast: De Wereld van VICE Sports. De afleveringen zijn hier te luisteren bij Apple of hier op Spotify: